ENVIR ADVOCATEN
Keizersgracht 451-1V
1017 DK Amsterdam
T +31 20 737 20 66
F +31 20 796 92 22


Datum: 28-05-2008

Revisievergunning Corus

Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 28 mei 2008, ECLI:NL:RVS:2008:BD2643 inz. Revisievergunning, MenR 2008/73.

1
Deze uitspraak betreft de revisievergunning voor Corus te IJmuiden. In de uitspraak — die in de originele versie 25 pagina’s telt — komen veel diverse milieu-aspecten aan de orde. Deze aspecten kunnen vanzelfsprekend niet allemaal binnen het bestek van deze noot aan de orde besproken worden. Ik licht dan ook slechts een aantal onderdelen nader toe. Voor andere aspecten zij verwezen naar de volledige tekst van de uitspraak.
2
Ten eerste de emissies van zware metalen, stof, dioxinen en furanen. Emissie van deze stoffen vindt, zo blijkt uit de uitspraak, plaats bij verschillende onderdelen van de inrichting van Corus (o.a. bij de hogedrukwasser, de sinterfabriek en de fluorwassers) en zijn voor deze onderdelen afzonderlijk geregeld in de vergunning. Uit de uitspraak volgt dat indien de vergunning alleen de maximale emissieconcentratie en een maximale vracht per uur regelt, de daarmee — impliciet — vergunde totale emissie van een bepaalde stof (de jaarvracht) mogelijk veel hoger is dan redelijkerwijs nodig kan worden geacht voor een representatieve bedrijfssituatie. De jaarvracht kan in dat geval worden berekend door de toegestane vracht per uur te vermenigvuldigen met het aantal bedrijfsuren per jaar. Dat de voorgeschreven normen voor de vracht per uur (kennelijk) bedoeld waren om de piekemissies vanuit de inrichting te beperken, doet daaraan, aldus de Afdeling, niet af. Dat is ook wel te verklaren. Over het algemeen zullen de emissie-eisen die aan de vergunning zijn verbonden, toereikend moeten zijn om de representatieve bedrijfssituatie te dekken. Meer vergunnen dan nodig is voor deze representatieve situatie is dan ook in beginsel niet toegestaan. Voor een vergunninghouder is echter, vanzelfsprekend, ook van belang dat de vergunning toereikende voorschriften bevat ingeval van piekemissies. Deze uitspraak laat zien dat deze ruimte niet vergund kan worden door (te) ruime maximale emissie-concentratie-eisen en een maximale vracht per uur. Dit zou echter wel geregeld kunnen worden door in de vergunning (of in aanvraag die in dat geval deel uit moet maken van de vergunning) een norm te stellen voor de maximale jaarvracht, of bijvoorbeeld in de vergunning een gemiddelde emissieconcentratie-eis op te nemen die geldt als 8-, 12- of 24-uursgemiddelde.
3
Een tweede aspect dat in deze uitspraak naar voren komt, betreft de vraag of zonder meer kan worden aangesloten bij BREF-documenten of dat strengere eisen gerechtvaardigd zijn. De Afdeling bevestigt, in r.ov. 2.2.4, haar eerdere jurisprudentie (bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling d.d. 21 december 2007, nr. 200700690/1 inzake Aluchemie) waaruit volgt dat het bevoegd gezag onder omstandigheden op dit punt een extra motiveringsplicht heeft. Dit geldt in het bijzonder wanneer het betrokken BREF-document enige tijd geleden is vastgesteld en thans wordt herzien. In dat geval heeft het bevoegd gezag min of meer een extra motiveringsplicht om te bezien in hoeverre dit BREF-document nog BBT vertegenwoordigt. De uitspraak is ook in lijn met een andere uitspraak van de Afdeling van 28 mei 2008 (nr. 200704373/1), waarin de Afdeling overwoog dat onder omstandigheden ook andere dan in het BREF-document beschreven technieken als BBT kunnen worden beschouwd. Ook andere BREF’s dan de van toepassing zijnde BREF-documenten kunnen daarbij relevante inzichten opleveren, zo volgt ook uit de Corus-uitspraak. Daarmee blijkt dat de Afdeling in haar beoordeling duidelijk artikel 8.11, lid 3Wm voor ogen heeft, op grond van welk artikel ten minstede voor de inrichting in aanmerking komende beste beschikbare technieken worden toegepast. De vraag naar welke technieken — al dan niet in afwijking van het betrokken BREF-document — zouden moeten worden voorgeschreven in de vergunning, komt nog duidelijker naar voren ingeval van stoffen waarvoor op grond van de NeR een minimalisatieverplichting geldt. Vaak gaat het dan, zoals ook in dit geval, om dioxinen en furanen en PAK. Voor dergelijke stoffen geldt dat gestreefd dient te worden naar een nulemissie. De uitspraak laat zien dat in het bijzonder waar het de emissie van deze stoffen betreft, nagegaan dient te worden of geen nadere maatregelen moeten worden getroffen, ook indien de getroffen maatregelen conform het relevant BREF-document zijn.
4
Dit geldt evenzo voor stoffen waarvoor een MTR (Maximaal Toelaatbaar Risico)-waarde is vastgesteld in de NeR, zoals voor fluoride. In deze uitspraak stelt de Afdeling voorop dat MTR-waarden niet-wettelijke normen zijn waarvoor volgens de NeR een inspanningsverplichting geldt. In de jurisprudentie is nog niet geheel uitgekristalliseerd in welke omstandigheden overschrijding van de MTR-waarde toelaatbaar wordt geacht door de Afdeling. De overwegingen van de Afdeling in eerdere jurisprudentie op dit punt overziend, kan het volgende geconcludeerd worden. Ook als de MTR-waarde zonder dat de betreffende inrichting in werking is, wordt overschreden, acht de Afdeling onvoldoende dat de fluoride-emissie acceptabel wordt geacht met de enkele motivering dat de bijdrage van de betreffende inrichting gering is (ABRvS 15 september 2004, nr. 200304448/1). Ter zake van revisievergunningen heeft de Afdeling echter wel overwogen dat, naast een geringe bijdrage aan de overschrijding, het feit dat de revisievergunning zal leiden tot een lagere fluoride-emissie een voldoende motivering oplevert (ABRvS 29 november 2006, nr. 200510459/1). In onderhavige uitspraak lijkt de Afdeling aan deze overwegingen toe te voegen dat in ook nog relevant is of binnen de inrichting BBT wordt toegepast en in hoeverre de in de vergunning gestelde grenswaarden strenger is dan de in de NeR geadviseerde grenswaarde. In welke gevallen de Afdeling overschrijding van de MTR-waarden bij een nieuwe inrichting toelaatbaar acht, is echter, voor zover mij bekend, in de jurisprudentie nog niet uitgemaakt.
5
De uitspraak bevat ook interessante overwegingen ten aanzien van onderzoeksverplichtingen die in de vergunning kunnen worden opgenomen. Dergelijke verplichtingen vinden hun wettelijke grondslag in artikel 8.13 Wm. In het geval van Corus waren met name onderzoeksverplichtingen aan de vergunning verbonden om te bezien in hoeverre nadelige gevolgen beperkt zouden kunnen worden. De uitspraak laat daarbij zien dat de hier aan voorafgaande vraag — of onderzoek van de vergunninghouder verlangd kan worden — door het bevoegd gezag moet worden beantwoord op basis van recente en correcte inzichten, waarbij, wederom, blijkt dat ook dan ten nadele van de vergunninghouder afgeweken kan worden van (niet meer actuele) BREF-documenten. Indien blijkt dat een bepaalde techniek op dit moment als BBT kan worden beschouwd, lijkt daarin aanleiding te bestaan om onderzoek naar het kunnen toepassen van deze techniek voor te schrijven, zo volgt uit deze uitspraak. Dit geldt evenzo voor het geval (zie r.ov. 2.10.3) dat het BREF-document een keuze laat tussen verschillende BBT-maatregelen en er aanleiding bestaat om aan te nemen dat een bepaalde, nog niet toegepaste, BBT-maatregel zou kunnen leiden tot een lagere emissie.
6
Een aspect dat in dit verband niet aan de orde komt is de vraag in hoeverre het bevoegd gezag reeds nu had kunnen verlangen dat een bepaalde voorziening die op basis van recente inzichten als BBT kan worden beschouwd, zou moeten worden gerealiseerd door Corus. Er van uitgaande dat de betreffende voorziening niet is opgenomen in de aanvraag van Corus, leidt dit tot de vraag in hoeverre het bevoegd gezag, door het voorschrijven van een bepaalde voorziening, de grondslag van de aanvraag zou verlaten. Dit hangt onder andere af van de vraag of sprake is van een ingrijpende (bouwkundige) voorziening. Uit een uitspraak van de Afdeling van 2003 (12 november 2003, nr. 200203258/1) volgt dat de Afdeling daarbij ook de grootte van de financiële investering en de geplande levensduur van de inrichting of installatie betrekt. Deze aspecten komen echter in de onderhavige uitspraak niet aan de orde. Uit eerdere jurisprudentie van de Afdeling (bijvoorbeeld ABRvS 15 augustus 1997, JM 1998, 3; ABRvS 29 januari 1999, JM 1999, 41 en ABRvS 12 september 2000, M en R 2001, 21) kan worden afgeleid dat de aanvraag ook relevant is voor de vraag welke onderzoeksverplichtingen aan de vergunning kunnen worden verbonden. Indien vastgesteld moet worden dat de grondslag van de aanvraag zou worden verlaten indien een bepaalde voorziening wordt voorgeschreven, kan in de vergunning ook niet worden voorgeschreven dat onderzoek ter zake van deze voorziening moet worden uitgevoerd. Uit de overweging van de Afdeling dat onderzoek naar de toepassing van een doekfilter in de vergunning had moeten c.q. kunnen worden voorschreven, zou dan ook kunnen worden afgeleid dat de Afdeling daarmee (zij het impliciet) aangeeft dat een dergelijke voorziening kan worden voorgeschreven zonder de grondslag van de aanvraag te verlaten.
7

Een laatste aspect dat nog bespreking verdient, betreft de consequenties die de Afdeling in deze uitspraak verbindt aan de gedeeltelijke gegrondverklaring van de beroepen. Een aanzienlijk gedeelte van de beroepsgronden wordt gegrond verklaard. Dit leidt tot gedeeltelijke vernietiging van de vergunning, gecombineerd met de verplichting voor GS om binnen 20 weken na de uitspraak een nieuw besluit te nemen. Voor zover deze vernietiging betrekking heeft op in de vergunning opgenomen grenswaarden (zoals terzake van emissies) bepaalt de Afdeling echter als voorlopige voorziening dat deze grenswaarden van kracht blijven tot zes weken nadat het nieuwe besluit is bekendgemaakt. Daarmee doet de Afdeling recht aan het feit dat het hier een revisievergunning betreft waarmee, naar verwachting, een betere bescherming voor het milieu zou ontstaan dan in het geval de huidige vergunning nog zou gelden. Op deze wijze kunnen eventuele nadelige consequenties voor het milieu, die juist zouden kunnen ontstaan door de vernietiging, op een efficiënte wijze zo goed als mogelijk is beperkt.

Deze noot gaat over het omgevingsrecht.


Gerelateerd

Kroniek Natuurbeschermingsrecht – Soortenbescherming (deel 1)
In de jaarlijks terugkerende kroniek Natuurbeschermingsrecht schreven Fleur Onrust en Marieke Kaajan in BR 2017/53…
Natuurbescherming onder de Omgevingswet: eenvoudig en beter?
In MenR 2017/45 ging Marieke Kaajan in op de consultatieversie van de Aanvullingswet Natuur in…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht – Gebiedsbescherming (deel 2)
Deel 2 van de jaarlijks terugkerende kroniek Natuurbeschermingsrecht, geschreven door Marieke Kaajan en Fleur Onrust,…
Vergunningplicht beweiden en uitrijden van mest
Een Nbw-vergunning is ook nodig voor het beweiden van koeien en het uitrijden van mest….
Revisie- of veranderingsvergunning?
Marieke Kaajan beschreef wanneer een revisievergunning kan worden verlangd. In Niewsbrief StAB 2015-1 verscheen een…
Andere definitie Nbw-bestaand gebruik bij bestemmingsplan
In deze noot van Marieke Kaajan wordt de definitie van bestaand gebruik in de zin…
Honden aanlijnen en stikstofdepositie; geen mitigatie
Een aanlijn- en opruimplicht bij honden; is dat een mitigerende maatregel? In MenR 2015/6 schreef…
Kwaliteit van de deskundigenrapporten bij ontheffing Ffw
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann in Bouwrecht over de kwaliteit van deskundigenrapporten die…
Planvoorschriften en Natuurbeschermingswet
Deze annotatie van Marieke Kaajan en Marcel Soppe in MenR 2014/143 gaat in op de mogelijke…
Bestaand gebruik volgt ook uit melding Besluit Melkveehouderij
Uit een melding op grond van het Besluit Melkveehouderij kan ook de omvang van (vergund)…
Bescherming van natuur in de Omgevingswet
In het Themanummer Omgevingswet van Milieu en Recht (2014/8) schreef Marieke Kaajan een artikel over de mate…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2014
Marieke Kaajan schreef de “Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2014”, BR 2014/75. Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2014 1.Inleiding Er is weer een…
Project of andere handeling?
Laagvliegen boven en nabij Natura 2000-gebieden, en het landen op onverharde delen van deze gebieden…
Flora en faunawet en dwingende redenen
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann het artikel, “Dwingende redenen van groot openbaar belang…
Effectbeoordeling Duitse Natura 2000-gebieden
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 16 april 2014, ECLI-nr: NL:RVS:2014:1312 inz. De beoordeling van…
Aanleggen nieuw habitattype is compensatie
Marieke Kaajan schreef een noot over de uitleg van het verschil tussen mitigatie en compensatie. In…
Externe saldering en directe samenhang – Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 9 april 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1207 inz. Externe saldering en…
Bestaand gebruik – Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 19 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:537 inz. Bestaand gebruik Nbw,…
Salderen met bestaande rechten – Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 12 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:446 inz. Salderen met bestaande rechten die…
Effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden en bestaande rechten
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 5 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:285 inz. Effecten op buitenlandse…
Highlights en actualiteiten van het natuurbeschermingsrecht
Marieke Kaajan schreeft “Highlights en actualiteiten van het natuurbeschermingsrecht”, Nieuwsbrief StAB 2014/1, p. 7-15. Zie het gehele…
Windparken en leefomgeving
Marieke Kaajan schreef samen met E.M.N. Noordover, “Windparken en leefomgeving: een toelichting op enkele angels uit de besluitvorming”,…
Dwangsom en Flora en faunawet
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann een noot onder ABRvS 25 september 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1247, BR 2014/9….
Wijziging Nbw-vergunning na de referentiedatum
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 13 november 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1891, BR 2014/20. 1. Met deze uitspraak…
Flora en faunawet, tijdelijke verstoring vaste rust- en verblijfplaats
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann een noot onder ABRvS 13 november 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1925, BR 2014/8….
Salderen van deposities via een depositiebank
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 13 november 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1931 inz. Salderen van deposities via een depositiebank,…
Passende beoordeling niet verplicht ondanks inhoudelijke ecologische voortoets
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 16 oktober 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1573, MenR 2014/57. (1) Deze uitspraak is,…
Flora en faunawet (Ffw) verklaring van geen bedenkingen
Fleur Onrust schreef met A. Drahmann een noot onder de uitspraak Rb Utrecht 6 september 2012,…
Omgevingswet en belanghebbendheid
Fleur Onrust schreef de Doorgeefcolumn “Omgevingswet en belanghebbendheid; alles bij het oude?” De column is te…
Effectbeoordeling stikstofdepositie
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 1 augustus 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ9099 inz. Effectbeoordeling stikstofdepositie Nbw,…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2013
Marieke Kaajan schreef de “Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2013”, BR 2013/99. Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2013 1.Inleiding Net als in…
Flora en faunawet en verklaring van geen bedenkingen
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann een noot onder ABRvS 26 juni 2013, ECLI:NL:RVS:2013:57, inz….
Bestaand gebruik in de Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 3 juli 2013, ECLI:NL:RVS:2013:107 inz. Bestaand gebruik zoals gedefinieerd in…
De beoordeling van effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 26 juni 2013, ECLI:NL:RVS:2013:3 inz. De beoordeling van effecten…
Stikstofverordening Noord-Brabant
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 19 juni 2013, ECLI:NL:RVS:2013:CA3654 inz. de Stikstofverordening Noord-Brabant, MenR…
Stikstofbeleid Provincie Overijssel – Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 22 mei 2013, ECLI:NL:RVS:2013:CA0687 inz. het “Beleidskader Natura 2000…
Ontwikkelingsruimte met de PAS, of toch niet?
Marieke Kaajan schreef het artikel “Ontwikkelingsruimte met de PAS, of toch niet?”, Agr.r. 2013 (afl. 3),…
Definitie project in de Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 3 april 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ7579 over de: Definitie project Nbw, StAB 2013/65….
Flora en faunawet en Vvgb
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann een noot onder Rb Midden-Nederland 7 februari 2013, ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ1898, inz….
Flora- en faunawet: nieuwe donkere wolken boven Nederland?
Fleur Onrust schreef met A.Drahmann een artikel “​Flora- en faunawet: nieuwe donkere wolken boven Nederland?”, in BR…
Bestaand gebruik – Natuurbeschermingswet
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 21 november 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BY3744 inz. Bestaand gebruik…
Effectbeoordeling en saldering – Natuurbeschermingswet
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 10 oktober 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX9705 inz. Effectbeoordeling en saldering…
De beoordeling van effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden
Marieke Kaajan schreef samen met A.C. Collignon een noot onder ABRvS 29 augustus 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX5932 inz….
De (on)mogelijkheid van een koepelvergunning – Natuurbeschermingswet
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 15 augustus 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX4650 inz. De (on)mogelijkheid…
Flora- en faunawet pilot Tijdelijke natuur
Fleur Onrust schreef een noot onder de uitspraak ABRvS 25 juli 2012 (ECLI:NL:RVS:2012:BX2544), BR 2012/140. 1. Dit…
Art. 19kd Nbw in combinatie met vergunningplicht art. 19d Nbw
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 30 mei 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW6948 inz. Art. 19kd…
Saldering op grond van de Nbw door middel van intrekking van een (milieu)vergunning
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 4 april 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW0777 inz. Saldering op…
Gebiedsbescherming in het wetsvoorstel natuur: oude wijn in nieuwe zakken?!
Marieke Kaajan schreef het artikel “Gebiedsbescherming in het wetsvoorstel natuur: oude wijn in nieuwe zakken?!”, MenR. 2011/181….
Effectbeoordeling stikstofdepositie
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 28 maart 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW0169 inz. Effectbeoordeling stikstofdepositie, StAB…
Overdraagbaarheid Natuurbeschermingswet-vergunningen
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 21 maart 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV9525 inz. Overdraagbaarheid Natuurbeschermingswetvergunningen, StAB…
Vergunningplicht Natuurbeschermingswet voor het uitrijden van mest
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 18 januari 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV1162 inz. Vergunningplicht Natuurbeschermingswet voor het…
Boom Basics Omgevingsrecht
M.M. Kaajan en F. Onrust schreven samen met V.L. van ’t Lam (red), J.C. van…
De Raamwet omgevingsrecht; van model 3.0 naar model 4.1
Fleur Onrust schreef het artikel “De Raamwet omgevingsrecht; van model 3.0 naar model 4.1“, BR 2011, p….
De uitleg van artikel 19kd Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 7 september 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BR6898 inz. De uitleg van art….
Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2011
Marieke Kaajan schreef de “Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2011”, BR 2012/102. Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2011 1.Inleiding In de kroniek…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2010
Marieke Kaajan schreef de “Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2010”, BR 2011/67. Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2010 1Inleiding Het natuurbeschermingsrecht in Nederland,…
Het Besluit milieueffectrapportage (Cat. 18.2 bijlage D)
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 10 november 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BO3494 inz. het Besluit milieueffectrapportage (Cat….
De relatie tussen Wabo en Waterwet
Fleur Onrust schreef het artikel “De relatie tussen Wabo en Waterwet”, BR 2010/160 (p. 851). De relatie tussen Wabo en Waterwet 1. Inleiding…
Einde aan de crisis in de Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef het artikel “Einde aan de crisis in de Natuurbeschermingswet”, TO 2010/2, p. 31-41….
Kansen op herstel met de Crisis- en herstelwet?!
Marieke Kaajan en A. ten Veen schreven samen de bijdrage “Kansen op herstel met de Crisis- en…
Rijkscoördinatieregeling energie-infrastructuurprojecten
Marieke Kaajan schreef het artikel “Rijkscoördinatieregeling energie-infrastructuurprojecten: een handige regeling maar wel met haken en ogen”…
Parlementaire geschiedenis Wet ruimtelijke ordening
N.S.J. Koeman, A. ten Veen, J.R. van Angeren, D.S.P. Fransen & Marieke Kaajan schreven het boek Parlementaire…
Waterwet, in kort bestek
Fleur Onrust schreef het artikel “Waterwet, in kort bestek”, Bulletin RO Totaal 2007, nr. 4. p….
Minder regels, meer ruimte voor water; het voorontwerp Waterwet nader beschouwd
Fleur Onrust schreef de bijdrage “Minder regels, meer ruimte voor water; het voorontwerp Waterwet nader beschouwd”,…
Het belanghebbendebegrip in de Wabo
Fleur Onrust schreef het artikel “Het belanghebbendebegrip in de Wabo”, BR 2008, p. 401. Na het verschenen…