ENVIR ADVOCATEN
Keizersgracht 451-1V
1017 DK Amsterdam
T +31 20 737 20 66
F +31 20 796 92 22


Datum: 05-02-2014

Effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden en bestaande rechten

Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 5 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:285 inz. Effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden en bestaande rechten, MenR 2014/77.

1.
De milieuvergunning voor het klinker- en cementproductiebedrijf Enci in Maastricht lijkt geen gelukkig leven beschoren te zijn. Nadat de ABRvS met de uitspraak van 10 september 2012 (nr. 200706772) vaststelde dat de in 1998 verleende (deelrevisie)milieuvergunning op 15 mei 2008 van rechtswege was vervallen, diende Enci een aanvraag in voor een nieuwe vergunning. Deze vergunning omvatte de oprichting en het in werking hebben van een bedrijf in klinker- en cementproductie alsmede een revisievergunning voor de activiteiten in de groeve. Het besluit van GS op deze aanvraag stond ter discussie in onderhavige uitspraak, waarbij nog van belang is te vermelden dat de ABRvS op 29 augustus 2012 reeds een tussenuitspraak in deze procedure heeft gedaan.
2.
Als gevolg van deze tussenuitspraak dienden GS hun eerdere besluit op een aantal punten nader te motiveren. Naast een aanvullende motivering voor zover het diverse emissienormen in de vergunning betrof, gebood de tussenuitspraak ook de gevolgen voor een aantal in België gelegen Natura 2000-gebieden nader te onderzoeken. De in navolging van deze tussenuitspraak ingediende nadere motivering d.d. 20 november 2012 ten aanzien van de emissienormen slaagt. In onderhavige uitspraak verklaart de ABRvS alle beroepsgronden die hiertegen zijn gericht, ongegrond. De milieuvergunning wordt echter toch vernietigd, nu GS de gevolgen voor de Belgische Natura 2000-gebieden niet adequaat genoeg hebben onderzocht. Dit wordt hierna verder besproken. De uitspraak bevat verder – ondanks dat het beroep op dat punt niet slaagt – een aantal interessante overwegingen over de wijze waarop buitenlandse overheden moeten worden betrokken bij activiteiten met (mogelijk) grensoverschrijdende effecten. Ook dit komt in deze noot aan de orde.
3.
Eerst de beoordeling van de effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden. Er valt, zeker in de situatie van Enci, veel voor te zeggen dat deze, uit de Habitatrichtlijn voortvloeiende, beoordeling plaats dient te vinden op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 (Nbw 1998) en dus in het kader van een verleende Nbw-vergunning. Wij lichten dat hierna nog toe. Eerder (ABRvS 24 augustus 2011, nr. 200900425/1) heeft de ABRvS echter al aangegeven dat effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden zowel bij een milieuvergunning (en nu dus ook bij een omgevingsvergunning voor het onderdeel milieu) als bij een Nbw-vergunning die wordt verleend vanwege effecten op binnenlandse Natura 2000-gebieden aan de orde kunnen komen. Dat heeft te maken met het feit dat uit de definitie van Natura 2000-gebieden in de Nbw 1998 wordt afgeleid dat alleen Nederlandse Natura 2000-gebieden onder de werkingssfeer van de Nbw 1998 vallen. Er is inmiddels een wetsvoorstel bij de Tweede Kamer ingediend waarmee deze definitie wordt verruimd (Wetsvoorstel wijziging Natuurbeschermingswet (programmatische aanpak stikstof), TK 2012/13, 33 669, nr. 2). Vooralsnog kan dus eigenlijk gekozen worden in welke vergunningprocedure de buitenlandse Natura 2000-gebieden aan de orde komen en lijkt vooral van belang te zijn welke vergunning het eerst ter toetsing voorligt. In die vergunning moet, zo maken wij op uit de uitspraken van de ABRvS, onderzocht zijn welke effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden kunnen optreden.
4.
Dat dit tot toch wel wat bijzondere situaties kan leiden, wordt ook met deze uitspraak duidelijk. Uit de uitspraak volgt dat Enci inmiddels een Nbw-vergunning aangevraagd heeft. Uit r.o. 23.3 van onderhavige uitspraak blijkt dat ook in die vergunningaanvraag de effecten op de Belgische Natura 2000-gebieden aan de orde komen. Dat doet, aldus de ABRvS, allemaal niet ter zake, althans: dit leidt niet tot het oordeel dat deze effecten niet (ook?) in de procedure over de milieuvergunning aan de orde kunnen komen. Hoe dit zich verhoudt met eerdere jurisprudentie waarin de ABRvS stelde dat de Nbw 1998 en de Wm duidelijk van elkaar moeten worden gescheiden (zie o.a. ABRvS 4 mei 2009, nr. 200901310) is nog steeds niet helemaal duidelijk. Het komt ons voor dat de ABRvS in deze procedure, nu de Nbw-vergunning inmiddels was aangevraagd, ook had kunnen stellen dat effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden juist in die Nbw-vergunning aan de orde zouden moeten komen. Of zou de ABRvS een dergelijk oordeel alleen vellen zodra er een onherroepelijke Nbw-vergunning geldt? Maar wat als in die Nbw-vergunning de buitenlandse Natura 2000-gebieden (ten onrechte) niet zijn beoordeeld? Zou er dan nog ruimte zijn voor een aanvullende beoordeling in deze milieuvergunning, of zou dan het beginsel van formele rechtskracht deze aanvullende beoordeling onmogelijk maken? Voor beide standpunten valt wat te zeggen; de jurisprudentie van de ABRvS lijkt erop te wijzen dat een aanvullende beoordeling in de milieuvergunning nog mogelijk (en wellicht zelfs verplicht) is. Kortom: het wordt hoog tijd dat de definitie in de Nbw 1998 wordt aangepast, dan wordt het ook voor Enci makkelijk om een milieuvergunning te krijgen. Dan kunnen we het vervolgens hebben om de vraag waar het écht om gaat: namelijk hoe worden de effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden beoordeeld? Daarover is immers nog veel onduidelijk, onder andere ten aanzien van de vraag of deze effecten conform een in Nederland geaccepteerde methode moeten worden beoordeeld, of wellicht aan de hand van de in België gebruikelijke methode als deze van de Nederlandse methode afwijkt.
5.
Alleen vanwege de beoordeling van de effecten op de Belgische Natura 2000-gebieden vernietigt de ABRvS, als gezegd, de milieuvergunning. Wat ging er mis? GS stelden eerst, naar aanleiding van de tussenuitspraak, dat significante gevolgen op deze gebieden waren uitgesloten en dat een passende beoordeling niet was vereist. Dat deze conclusie niet wordt onderschreven door de StAB verbaast niet. In een overbelaste situatie kan immers niet zonder aanvullend ecologisch onderzoek worden vastgesteld dat Enci geen verzurende of vermestende gevolgen heeft voor de Belgische Natura 2000-gebieden. Omdat daarmee de kans op significant negatieve effecten niet uitgesloten konden worden, had een passende beoordeling gemaakt moeten worden.
6.
GS probeerden hun besluit vervolgens nog te rechtvaardigen door aanvullend te stellen dat significante effecten konden worden uitgesloten omdat hetgeen dat nu vergund was, niet leidde tot meer ammoniak-, zwavel- en stikstofdepositie ten opzichte van de vergunde situatie op de referentiedatum (7 december 2004). Was dit betoog geslaagd, dan was inderdaad op de juiste wijze, passend, beoordeeld dat significant negatieve effecten zouden zijn uitgesloten (zie ABRvS 10 oktober 2012, nr. 201010326). Deze stelling slaagt echter evenmin. Ook dat is niet erg verrassend – maar dat komt wel door jurisprudentie die nog niet bekend was op het moment dat GS deze aanvullende motivering opstelden. Bij uitspraak van 13 november 2013 (nr. 201211640, M en R 2014/25 en BR 2014/20) heeft de ABRvS immers een nieuw element toegevoegd aan haar jurisprudentie over bestaande rechten op de referentiedatum. Het is inmiddels vaste jurisprudentie dat significante effecten vanwege, bijvoorbeeld, stikstofdepositie zijn uitgesloten indien uitbreiding of wijziging van een bestaande activiteit niet leidt tot méér depositie dan de hoeveelheid depositie die mocht worden veroorzaakt op het moment dat het beschermingsregime van de Vogel- en/of Habitatrichtlijn voor een gebied ging gelden (de referentiedatum). Het ‘depositierecht’ moest daarbij op grond van een milieu- of Hinderwetvergunning of een 8.19 Wm-melding (oud) voorafgaand aan de referentiedatum zijn toegestaan. In de genoemde uitspraak van 13 november 2013 heeft de ABRvS deze jurisprudentie genuanceerd, door te stellen dat als het bestaande depositierecht ná de referentiedatum wordt ingeperkt (bijvoorbeeld door verlening van een revisievergunning), niet langer van de omvang van dit recht ten tijde van de referentiedatum kan worden uitgegaan. Bij de vergelijking die dan wordt gemaakt tussen het ‘bestaande recht’ en de nieuwe situatie moet dan worden uitgegaan van het – na de referentiedatum – aangepaste recht. In dit geval was – kennelijk, want dat wordt niet expliciet in de uitspraak overwogen – bij de beoordeling of de nieuw vergunde activiteit tot meer depositie zou leiden dan de depositie die was toegestaan op de referentiedatum uitgegaan van de milieuvergunning die op 7 december 2004 gold. Echter, nu deze vergunning nadien van rechtswege was vervallen, stond daarmee, als het ware met terugwerkende kracht, vast dat deze vergunning geen bestaande rechten opleverde. Het is ons niet bekend of Enci nog een andere vergunning heeft die bestaande rechten kan opleveren. Anders zullen de activiteiten van Enci, bij het opnieuw verlenen van de gevraagde milieuvergunning (of bij de Nbw-vergunning), in het geheel passend moeten worden beoordeeld.
7.
Een volgend interessant punt van de voorliggende uitspraak betreft het beroep van de Belgische gemeente Riemst op het Verdrag inzake milieueffectrapportage in grensoverschrijdend verband van 25 februari 1991 (ook wel het Verdrag van ESPOO), in samenhang met de Europese richtlijn voor de milieueffectrapportage (2011/92/EU). Aangezien dit de eerste uitspraak is waarin de ABRvS ingaat op het Verdrag van Espoo (zie ABRvS 19 februari 2014, nr. 201303313 voor een volgende uitspraak), gaan wij hierna in op deze jurisprudentie. Ook relevant te vermelden is hetgeen de ABRvS overweegt over de kennisgeving van besluiten met mogelijk grensoverschrijdende effecten.
8.
De ABRvS overweegt dat de regels omtrent kennisgeving van besluiten uit de Awb ook publicatie in het buitenland voorschrijven wanneer in het buitenland effecten van een inrichting te verwachten zijn. Daarbij wijst de ABRvS op een eerdere uitspraak (ABRvS 15 augustus 2012, nr. 201101170), waaruit kan worden afgeleid dat ook bij een uniforme openbare voorbereidingsprocedure aanleiding kan bestaan om in het buitenland kennis te geven het bestreden besluit. Conform deze verplichting hebben GS in een Nederlandstalig en Franstalig dagblad kennis gegeven van de ter inzage legging van het ontwerpbesluit voor Enci. Wij wijzen in dit verband op een eerdere uitspraak van de ABRvS (ABRvS 24 juli 2013, nr. 201300843), waarin ook de vraag over kennisgeving van besluitvorming in het buitenland speelde. De ABRvS overwoog in deze uitspraak dat “niet uit enige geschreven of ongeschreven rechtsregel of algemeen rechtsbeginsel de verplichting volgt dat in het onderhavige geval eveneens een kennisgeving in Duitsland had moeten plaatsvinden.” Deze overweging wijkt af van de overweging in de voorliggende uitspraak, waarin dus wel een plicht bestond om ook in het buitenland kennis te geven van de besluitvorming. Een mogelijke reden voor het verschil in beide uitspraken ligt in het al dan niet aanwezig zijn van milieueffecten in het buitenland. Het lijkt er echter op dat in beide uitspraken is geconcludeerd dat er geen effecten in het buitenland waren, waardoor dit ook geen grond vormt voor het verschil. Niettemin is het aannemelijk dat het onderscheid gevonden kan worden in de mate van aannemelijkheid dat in het buitenland milieueffecten optreden, mede gezien de hiervoor aangehaalde uitspraak van de ABRvS van 15 augustus 2012.
9.
Aangezien GS conform de regels van de Awb kennis hebben gegeven aan het ontwerpbesluit rijst vervolgens de vraag of uit het Verdrag van Espoo nog nadere verplichtingen voortvloeide voor GS ten aanzien van de gemeente Riemst. Het Verdrag van Espoo bevat afspraken tussen staten (waaronder Nederland, maar ook de Europese Unie is verdragspartij) betreffende de onderlinge consultatie bij mogelijke grensoverschrijdende milieueffecten in het kader van de m.e.r. De ABRvS overweegt dat zowel de EU als Nederland de verplichtingen uit het Verdrag van Espoo in de eigen regelgeving heeft verwerkt, meer specifiek in artikel 7 van de M.e.r.-richtlijn (85/337/EEG) respectievelijk artikel 7.38a en verder Wm. Aangezien de gemeente Riemst niet heeft gesteld dat de implementatie in Nederland onjuist is dan wel dat de richtlijn niet volledig wordt toegepast gaat de ABRvS hier niet op in, maar gaat de ABRvS direct over tot beoordeling van de naleving van GS van de Nederlandse regelgeving. Overigens kan de vraag worden gesteld in hoeverre een dergelijk beroep op onjuiste implementatie de gemeente Riemst had gediend. Hoewel de Nederlandse bepalingen niet woordelijk overeenstemmen, is de algemene systematiek gelijk aan hetgeen is voorgeschreven in het Verdrag van Espoo en de M.e.r.-richtlijn. Hierna wordt ingegaan op dit systeem zoals vastgelegd in artikel 7.38a Wm en verder, ook wel aangeduid als de formele consultatie.
10.
Als uit een m.e.r. blijkt dat een plan of project ook in het buitenland belangrijke nadelige milieugevolgen kan hebben, dan moet het Nederlandse gezag, dat bevoegd is ten aanzien van het milieueffectrapport (MER), de relevante autoriteiten in het buitenland hierover zo spoedig mogelijk inlichten. Vervolgens moeten, in het kader van vergunningverlening van een dergelijke activiteit in een ander land, de aanvraag en het ontwerp van het besluit en het bijhorende MER aan de relevante autoriteiten in het buitenland worden gestuurd. Het is ook mogelijk dat de autoriteiten in het buitenland zelf aan de bel trekken, omdat aldaar belangrijke nadelige milieugevolgen van een in Nederland voorzien project worden verwacht. Op dat moment moet Nederland ook de noodzakelijke informatie verstrekken. Het voorgaande betekent dat de formele consultatie op twee manieren kan starten, namelijk (i) als in Nederland wordt geconcludeerd dat belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu in het buitenland worden verwacht en (ii) als een ander land vanwege mogelijke nadelige milieugevolgen verzoekt om toepassing van de formele consultatie.
11.
De gemeente Riemst was op de hoogte van de (aanstaande) vergunningverlening door GS. De gemeente Riemst had namelijk een zienswijze op de startnotitie voor het MER van Enci ingediend, waarin werd gewezen op de mogelijke effecten van Enci op het grondgebied van Riemst. Naar aanleiding hiervan is in het MER voor de milieuvergunning gekeken naar de milieueffecten op het grondgebied van de gemeente Riemst, waarbij is geconcludeerd dat er geen belangrijke nadelige milieueffecten waren. Met deze conclusie werden GS dus ontslagen van de plicht om de gemeente Riemst in te lichten.
12.
GS hadden vervolgens onverplicht het MER aan de gemeente Riemst toegezonden en daarbij verzocht aan te geven of de gemeente nog wel aanspraak wilde maken op de formele consultatie. De gemeente Riemst diende naar aanleiding van dit bericht wel een zienswijze op het MER in, maar melde daarbij niet of zij aanspraak maakte op de formele consultatie. Vanwege het voorgaande achtte de ABRvS geen plicht aanwezig voor GS om het ontwerpbesluit en het besluit zelf aan de gemeente Riemst toe te sturen. Voorts mocht de gemeente Riemst aan de toezending van de startnotitie, de aanvraag en het MER ook niet het gerechtvaardigd vertrouwen ontlenen dat haar ook het ontwerpbesluit zou worden toegestuurd. Nu bekendmaking conform de regels van de Awb heeft plaatsgevonden en ook voor buitenlandse partijen geldt dat zij zich op de hoogte stelt van de Nederlandse procedurele regels als zij zich in een Nederlandse procedure mengt, is, zo concludeert de ABRvS, de gemeente Riemst niet-ontvankelijk in haar beroep omdat zij geen zienswijze had ingediend tegen het ontwerp-besluit en niet tijdig beroep had ingesteld.
13.
Deze uitkomst van de beoordeling komt ons juist voor (zie voor een andere weging van deze uitspraak de noot van S.M. van Velsen en J.M.I.J. Zijlmans in JM 2014/37). Hoewel GS volgens de regelgeving daartoe niet verplicht waren (aangezien er geen belangrijke nadelige milieugevolgen in België werden voorzien), hebben zij wel de aanvraag voor het besluit en het MER aan de gemeente Riemst toegezonden. Daarbij hebben zij expliciet gewezen op de mogelijkheid van de gemeente Riemst om te vragen de formele consultatieronde te starten. Het nalaten dit te doen komt terecht voor rekening van de gemeente Riemst zelf. De aanvulling door GS van de motivering d.d. 20 november 2012 biedt ook geen aanleiding voor een andere conclusie. Deze aanvulling, die weliswaar is gedaan in het kader van de beoordeling van de Belgische Natura 2000-gebieden, vormde enkel een bevestiging van de eerder in het MER getrokken conclusie dat geen belangrijke nadelige milieugevolgen optreden in Belgisch grondgebied. De aanvulling kan dan ook geen grond vormen voor een eventuele verschoonbare termijnoverschrijding. Oftewel, ook het beroep op de formele consultatie uit het Verdrag van Espoo biedt de gemeente Riemst geen soelaas: zij blijft niet-ontvankelijk in haar beroep.

Deze noot gaat over het natuurbeschermingsrecht, een onderdeel van het omgevingsrecht.


Gerelateerd

Prejudiciële vragen PAS: en nu?
Op 17 mei jl. deed de ABRvS twee (tussen)uitspraken over de Programmatische Aanpak Stikstof. In…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht – Soortenbescherming (deel 1)
In de jaarlijks terugkerende kroniek Natuurbeschermingsrecht schreven Fleur Onrust en Marieke Kaajan in BR 2017/53…
Natuurbescherming onder de Omgevingswet: eenvoudig en beter?
In MenR 2017/45 ging Marieke Kaajan in op de consultatieversie van de Aanvullingswet Natuur in…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht – Gebiedsbescherming (deel 2)
Deel 2 van de jaarlijks terugkerende kroniek Natuurbeschermingsrecht, geschreven door Marieke Kaajan en Fleur Onrust,…
Actualiteiten natuurbeschermingsrecht 2017
In MenR 2017/78 werd, naar aanleiding van de Actualiteitendag van de Vereniging van Milieurecht, het…
Programmatische Aanpak Stikstof; prejudiciële vragen weiden en bemesten
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 17 mei 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1260 in MenR 2017/85. 1….
Programmatische Aanpak Stikstof; prejudiciële vragen (algemeen)
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 17 mei 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1259 in MenR 2017/84. 1….
Relatie tussen luchthavenbesluit en Wet natuurbescherming
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 18 januari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:129 in MenR 2017/53. 1….
Overgangsrecht Programmatische Aanpak Stikstof
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 14 december 2016, ECLI:NL:RVS:2016:3327 en 28 december 2016,…
Passende beoordeling en rol van PAS-maatregelen
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 24-02-2016, ECLI:NL:RVS:2016:497 in M en R 2016/68. Noot 1. Hoewel juridisch…
Stikstofbeoordeling bij plannen; mitigerende maatregelen in planvoorschriften verzekeren
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 20-04-2016, ECLI:NL:RVS:2016:1072 in M en R 2016/98. Noot 1. Deze twee met…
Omvang motiveringsplicht bij toename stikstofdepositie
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 30-03-2016, ECLI:NL:RVS:2016:866 in M en R 2016/82. Noot 1. ABRvS 23…
Passende beoordeling bij kleine toename stikstofdepositie; geen cumulatie met nog niet vastgesteld uitwerkingsplan
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 08-06-2016, ECLI:NL:RVS:2016:1612 in M en R 2016/112 Noot 1. Deze uitspraak –…
Gebruikmaken van een eerdere passende beoordeling
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 22‑06‑2016, ECLI:NL:RVS:2016:1745  in M en R 2016/115. Noot 1. Art. 19j, lid…
Stikstofregeling in bestemmingsplan
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 1 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1515 in M en R…
Beperkte beroepsmogelijkheden tegen beheerplan; relatie met bestaand gebruik
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 20 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2041 in M en R…
Verschil tussen instandhoudingsmaatregelen, preventieve en compenserende maatregelen
Marieke Kaajan schreef een noot onder HvJ EU 21-07-2016, ECLI:EU:C:2016:583 in M en R 2016/131. Noot 1….
Natuurbeschermingsrecht in vogelvlucht; Actualiteiten en vragen uit de praktijk
Marieke Kaajan schreef in M en R 2016/73 het artikel: Natuurbeschermingsrecht in vogelvlucht; Actualiteiten en vragen…
Meldingsbevestiging PAS is geen besluit
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 02‑11‑2016, ECLI:NL:RVS:2016:2903 in M en R 2017/22. Noot 1. Met deze uitspraak…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht en Ffw 2016 (deel 2)
Kroniek Natuurbeschermingsrecht en Ffw 2016 (deel 2) F. Onrust en M.M. Kaajan[1]     Inleiding…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht en Ffw 2016 (deel 1)
Verschenen in: BR 2016/50 Inleiding Een jaar verstreken; tijd dus voor een overzicht van de…
De Wet natuurbescherming: soortenbescherming
In Journaal Flora en fauna verscheen het artikel van Fleur Onrust en Luuk Boerema over…
Een nieuwe Beleidslijn Tijdelijke Natuur
Op 10 september 2015 is de Beleidslijn Tijdelijke Natuur in de Staatscourant gepubliceerd.[1] De beleidslijn heeft…
Standaard voorschriften Nbw-vergunning vernietigd
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 23-12-2015, ECLI:NL:RVS:2015:3980. Noot 1. De spoorlijn Budel-Weert levert…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2015 – deel 2 Soortenbescherming
Fleur Onrust en Marieke Kaajan schreven de Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2015 – deel 2 inzake soortenbescherming….
Cumulatie met uitwerkingsplan verplicht?
Marieke Kaajan schreef een noot bij Vz. ABRvS 12-11-2015, ECLI:NL:RVS:2015:3575. Noot 1. Op grond van art. 19f,…
PAS: vragen uit de praktijk
De inwerkingtreding van het Programma Aanpak Stikstof heeft geleid tot vele vragen in de praktijk….
Nieuw leefgebied binnen N2000-gebied = mitigatie
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 14-10-2015, ECLI:NL:RVS:2015:3194. Noot 1. Met het arrest Briels…
Aanvaardbare wijzigingsbevoegdheid onder de voorwaarde dat significante effecten zijn uitgesloten
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 16-09-2015, ECLI:NL:RVS:2015:2891. Noot 1. Al eerder heb ik…
Referentiesituatie bij plannen indien bebouwing teniet is gegaan
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 19-08-2015, ECLI:NL:RVS:2015:2639. Noot 1. Een van de aspecten…
Toetsing van plannen aan de Nbw
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 05-08-2015, ECLI:NL:RVS:2015:2471. Noot 1. Het is een terugkerend…
Nbw-toestemming zonder ADC-toets; feit of fictie?
Het arrest Briels heeft geleid tot een stroom aan jurisprudentie waarmee het verschil tussen compensatie…
Bevoegd gezag Nbw-vergunning sinds 1 juli 2015
Marieke Kaajan schreef een nooit onder ABRvS 29-07-2015, ECLI:NL:RVS:2015:2406. Noot 1. Geeft een verleende Nbw-vergunning onverkort…
Kroniek Nbw en Ffw 2015 (deel 1)
De Nbw is geen rustig bezit. Het afgelopen jaar verscheen er weer veel jurisprudentie en…
Bestemmingsplannen en stikstof
Kunnen bestemmingsplannen profiteren van het programma aanpak stikstof (PAS)? Lees een instructief en praktisch artikel…
Beperkte toepassing art. 19kd Nbw bij plannen
Marieke Kaajan schreef een noot bij ABRvS 1 april 2015 (ECLI:NL:RVS:2015:999 en 1010) over art….
Vergunningplicht beweiden en uitrijden van mest
Een Nbw-vergunning is ook nodig voor het beweiden van koeien en het uitrijden van mest….
Flora en faunawet ontheffing en zelf in de zaak voorzien
In AB 2015/164 verscheen een annotatie van Annemarie Drahmann (Stibbe) en Fleur Onrust (ENVIR Advocaten)…
Mitigatie en compensatie (part 2)
Marieke Kaajan schreef de volgende noot bij ABRvS 11 maart 2015 (ECLI:NL:RVS:2015:706, inz. Buitenring Parkstad…
Op feitelijke situatie is Nbw niet van toepassing
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 08-07-2015, ECLI:NL:RVS:2015:2155. Noot 1. Deze uitspraak is een…
Criteria voor voorlopige aanwijzing Natura 2000-gebied
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 01-07-2015, ECLI:NL:RVS:2015:2041 Noot 1. Het komt al niet…
Vergunningvrij bestaand gebruik Nbw
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 24-06-2015, ECLI:NL:RVS:2015:1946 Noot 1. Deze uitspraak is een weinig voorkomend…
Van EHS tot NNN en de doorwerking in bestemmingsplannen
Fleur Onrust schreef in het digitale magazine Natuur in de Gemeente een column over de EHS…
Voortoets of passende beoordeling?
Geen passende beoordeling? Dan ook vaak geen plan-merplicht. Toch is een voortoets vaak niet voldoende….
Beperkt beroep beheerplan Nbw
Marieke Kaajan schreef in Milieu en Recht 2015/21 de volgende noot onder ABRvS 24 september…
Foerageergebied buiten Natura 2000-gebied: mititgatie
Een van de eerste zaken na het arrest Briels waaruit blijkt wanneer sprake is van…
Mitigatie en compensatie; toepassing arrest Briels
Het arrest Briels leidt tot veel discussie over het verschil tussen mitigatie en compensatie. Marieke…
ORNIS-criterium ook bij Habitatrichtlijnsoorten
En de ontwikkeling van windturbines betreft een dwingende reden van groot openbaar belang. Zie de…
Elektrovisserij leidt tot overtreding Ffw
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 19 november 2014, nr. 201404288 inzake de overtreding van…
Revisie- of veranderingsvergunning?
Marieke Kaajan beschreef wanneer een revisievergunning kan worden verlangd. In Niewsbrief StAB 2015-1 verscheen een…
Jaaroverzicht jurisprudentie flora en faunawet 2014 JFF
In dit jurisprudentie overzicht behandelen Fleur Onrust en A. Drahmann de jurisprudentie Ffw van de…
Andere definitie Nbw-bestaand gebruik bij bestemmingsplan
In deze noot van Marieke Kaajan wordt de definitie van bestaand gebruik in de zin…
Honden aanlijnen en stikstofdepositie; geen mitigatie
Een aanlijn- en opruimplicht bij honden; is dat een mitigerende maatregel? In MenR 2015/6 schreef…
Bestemmingsplan en Flora en faunawet (BR 2014/136)
Fleur Onrust schreef in BR 2014/136. Essentie uitspraak: De vragen of voor de uitvoering van het bestemmingsplan…
Kwaliteit van de deskundigenrapporten bij ontheffing Ffw
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann in Bouwrecht over de kwaliteit van deskundigenrapporten die…
Planvoorschriften en Natuurbeschermingswet
Deze annotatie van Marieke Kaajan en Marcel Soppe in MenR 2014/143 gaat in op de mogelijke…
Bestaand gebruik volgt ook uit melding Besluit Melkveehouderij
Uit een melding op grond van het Besluit Melkveehouderij kan ook de omvang van (vergund)…
Belang van de ‘Soortenstandaard’ bij de verlening ontheffing Ffw
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann in Br over de uitspraak van de Rechtbank…
Bescherming van natuur in de Omgevingswet
In het Themanummer Omgevingswet van Milieu en Recht (2014/8) schreef Marieke Kaajan een artikel over de mate…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2014
Marieke Kaajan schreef de “Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2014”, BR 2014/75. Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2014 1.Inleiding Er is weer een…
Project of andere handeling?
Laagvliegen boven en nabij Natura 2000-gebieden, en het landen op onverharde delen van deze gebieden…
Flora en faunawet en dwingende redenen
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann het artikel, “Dwingende redenen van groot openbaar belang…
Effectbeoordeling Duitse Natura 2000-gebieden
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 16 april 2014, ECLI-nr: NL:RVS:2014:1312 inz. De beoordeling van…
Aanleggen nieuw habitattype is compensatie
Marieke Kaajan schreef een noot over de uitleg van het verschil tussen mitigatie en compensatie. In…
Externe saldering en directe samenhang – Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 9 april 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1207 inz. Externe saldering en…
Bestaand gebruik – Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 19 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:537 inz. Bestaand gebruik Nbw,…
Salderen met bestaande rechten – Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 12 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:446 inz. Salderen met bestaande rechten die…
Highlights en actualiteiten van het natuurbeschermingsrecht
Marieke Kaajan schreeft “Highlights en actualiteiten van het natuurbeschermingsrecht”, Nieuwsbrief StAB 2014/1, p. 7-15. Zie het gehele…
Windparken en leefomgeving
Marieke Kaajan schreef samen met E.M.N. Noordover, “Windparken en leefomgeving: een toelichting op enkele angels uit de besluitvorming”,…
Dwangsom en Flora en faunawet
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann een noot onder ABRvS 25 september 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1247, BR 2014/9….
Wijziging Nbw-vergunning na de referentiedatum
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 13 november 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1891, BR 2014/20. 1. Met deze uitspraak…
Flora en faunawet, tijdelijke verstoring vaste rust- en verblijfplaats
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann een noot onder ABRvS 13 november 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1925, BR 2014/8….
Salderen van deposities via een depositiebank
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 13 november 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1931 inz. Salderen van deposities via een depositiebank,…
Passende beoordeling niet verplicht ondanks inhoudelijke ecologische voortoets
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 16 oktober 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1573, MenR 2014/57. (1) Deze uitspraak is,…
Flora en faunawet (Ffw) verklaring van geen bedenkingen
Fleur Onrust schreef met A. Drahmann een noot onder de uitspraak Rb Utrecht 6 september 2012,…
Omgevingswet en belanghebbendheid
Fleur Onrust schreef de Doorgeefcolumn “Omgevingswet en belanghebbendheid; alles bij het oude?” De column is te…
Effectbeoordeling stikstofdepositie
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 1 augustus 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ9099 inz. Effectbeoordeling stikstofdepositie Nbw,…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2013
Marieke Kaajan schreef de “Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2013”, BR 2013/99. Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2013 1.Inleiding Net als in…
Flora en faunawet en verklaring van geen bedenkingen
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann een noot onder ABRvS 26 juni 2013, ECLI:NL:RVS:2013:57, inz….
Bestaand gebruik in de Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 3 juli 2013, ECLI:NL:RVS:2013:107 inz. Bestaand gebruik zoals gedefinieerd in…
De beoordeling van effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 26 juni 2013, ECLI:NL:RVS:2013:3 inz. De beoordeling van effecten…
Stikstofverordening Noord-Brabant
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 19 juni 2013, ECLI:NL:RVS:2013:CA3654 inz. de Stikstofverordening Noord-Brabant, MenR…
Stikstofbeleid Provincie Overijssel – Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 22 mei 2013, ECLI:NL:RVS:2013:CA0687 inz. het “Beleidskader Natura 2000…
Ontwikkelingsruimte met de PAS, of toch niet?
Marieke Kaajan schreef het artikel “Ontwikkelingsruimte met de PAS, of toch niet?”, Agr.r. 2013 (afl. 3),…
Definitie project in de Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 3 april 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ7579 over de: Definitie project Nbw, StAB 2013/65….
Flora en faunawet en Vvgb
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann een noot onder Rb Midden-Nederland 7 februari 2013, ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ1898, inz….
Flora- en faunawet: nieuwe donkere wolken boven Nederland?
Fleur Onrust schreef met A.Drahmann een artikel “​Flora- en faunawet: nieuwe donkere wolken boven Nederland?”, in BR…
Bestaand gebruik – Natuurbeschermingswet
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 21 november 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BY3744 inz. Bestaand gebruik…
Effectbeoordeling en saldering – Natuurbeschermingswet
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 10 oktober 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX9705 inz. Effectbeoordeling en saldering…
De beoordeling van effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden
Marieke Kaajan schreef samen met A.C. Collignon een noot onder ABRvS 29 augustus 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX5932 inz….
De (on)mogelijkheid van een koepelvergunning – Natuurbeschermingswet
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 15 augustus 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX4650 inz. De (on)mogelijkheid…
Flora- en faunawet pilot Tijdelijke natuur
Fleur Onrust schreef een noot onder de uitspraak ABRvS 25 juli 2012 (ECLI:NL:RVS:2012:BX2544), BR 2012/140. 1. Dit…
Art. 19kd Nbw in combinatie met vergunningplicht art. 19d Nbw
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 30 mei 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW6948 inz. Art. 19kd…
Saldering op grond van de Nbw door middel van intrekking van een (milieu)vergunning
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 4 april 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW0777 inz. Saldering op…
Gebiedsbescherming in het wetsvoorstel natuur: oude wijn in nieuwe zakken?!
Marieke Kaajan schreef het artikel “Gebiedsbescherming in het wetsvoorstel natuur: oude wijn in nieuwe zakken?!”, MenR. 2011/181….
Effectbeoordeling stikstofdepositie
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 28 maart 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW0169 inz. Effectbeoordeling stikstofdepositie, StAB…
Overdraagbaarheid Natuurbeschermingswet-vergunningen
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 21 maart 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV9525 inz. Overdraagbaarheid Natuurbeschermingswetvergunningen, StAB…
Vergunningplicht Natuurbeschermingswet voor het uitrijden van mest
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 18 januari 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV1162 inz. Vergunningplicht Natuurbeschermingswet voor het…
Boom Basics Omgevingsrecht
M.M. Kaajan en F. Onrust schreven samen met V.L. van ’t Lam (red), J.C. van…
De Raamwet omgevingsrecht; van model 3.0 naar model 4.1
Fleur Onrust schreef het artikel “De Raamwet omgevingsrecht; van model 3.0 naar model 4.1“, BR 2011, p….
De uitleg van artikel 19kd Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 7 september 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BR6898 inz. De uitleg van art….
Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2011
Marieke Kaajan schreef de “Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2011”, BR 2012/102. Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2011 1.Inleiding In de kroniek…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2010
Marieke Kaajan schreef de “Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2010”, BR 2011/67. Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2010 1Inleiding Het natuurbeschermingsrecht in Nederland,…
Het Besluit milieueffectrapportage (Cat. 18.2 bijlage D)
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 10 november 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BO3494 inz. het Besluit milieueffectrapportage (Cat….
De relatie tussen Wabo en Waterwet
Fleur Onrust schreef het artikel “De relatie tussen Wabo en Waterwet”, BR 2010/160 (p. 851). De relatie tussen Wabo en Waterwet 1. Inleiding…
Einde aan de crisis in de Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef het artikel “Einde aan de crisis in de Natuurbeschermingswet”, TO 2010/2, p. 31-41….
Kansen op herstel met de Crisis- en herstelwet?!
Marieke Kaajan en A. ten Veen schreven samen de bijdrage “Kansen op herstel met de Crisis- en…
Rijkscoördinatieregeling energie-infrastructuurprojecten
Marieke Kaajan schreef het artikel “Rijkscoördinatieregeling energie-infrastructuurprojecten: een handige regeling maar wel met haken en ogen”…
Parlementaire geschiedenis Wet ruimtelijke ordening
N.S.J. Koeman, A. ten Veen, J.R. van Angeren, D.S.P. Fransen & Marieke Kaajan schreven het boek Parlementaire…
Revisievergunning Corus
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 28 mei 2008, ECLI:NL:RVS:2008:BD2643 inz. Revisievergunning, MenR 2008/73. 1…
Waterwet, in kort bestek
Fleur Onrust schreef het artikel “Waterwet, in kort bestek”, Bulletin RO Totaal 2007, nr. 4. p….
Minder regels, meer ruimte voor water; het voorontwerp Waterwet nader beschouwd
Fleur Onrust schreef de bijdrage “Minder regels, meer ruimte voor water; het voorontwerp Waterwet nader beschouwd”,…
Het belanghebbendebegrip in de Wabo
Fleur Onrust schreef het artikel “Het belanghebbendebegrip in de Wabo”, BR 2008, p. 401. Na het verschenen…