ENVIR ADVOCATEN
Keizersgracht 451-1V
1017 DK Amsterdam
T +31 20 737 20 66
F +31 20 796 92 22


Datum: 29-08-2012

De beoordeling van effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden

Marieke Kaajan schreef samen met A.C. Collignon een noot onder ABRvS 29 augustus 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX5932 inz. De beoordeling van effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden, MenR 2012/141.

1.       Het college van GS van de Provincie Limburg heeft aan ENCI een milieuvergunning verleend voor het oprichten en in werking hebben van een inrichting voor klinker- en cementproductie te Maastricht. Daarnaast is een revisievergunning verleend voor activiteiten van ENCI in haar mergelgroeve. De vergunningen zijn verleend op grond van de Wet milieubeheer. Het nieuwe recht van de Wabo is nog niet van toepassing op deze zaak. Zowel ENCI als de Stichting ENCI Stop (‘SES’) hebben beroep ingesteld tegen het besluit. In de (22 pagina’s tellende) uitspraak komen diverse onderwerpen aan bod. In deze noot zullen wij ingaan op twee aspecten:

  1. het beroep van ENCI tegen de voorschriften die zijn opgenomen voor de stofemissie inclusief afwijkingsmogelijkheid (r.o. 2.6); en
  2.  het beroep van SES tegen de vergunning met het oog op de bescherming van Nederlandse en Belgische Natura 2000-gebieden (r.o. 2.18).

            Stofemissie

2.         In de vergunning zijn voorschriften opgenomen voor stofemissie. In voorschrift 10.10 staat dat de plekken waar gekanaliseerde stofemissie plaatsvindt dienen te zijn voorzien van een ontstoffingsinstallatie. De stofemissie-eis voor deze installaties is 5 mg/Nm3 als de installaties zijn voorzien van een doekenfilter of een vergelijkbare filterende afscheider. Voorschrift 10.10 is ingevolge voorschrift 10.13 niet van toepassing indien ENCI binnen drie maanden na het van kracht worden van de vergunning kort gezegd 1. voor alle emissiepunten kan aantonen dat de kosteneffectiviteit uit de NeR wordt overschreden; of 2. via een goed te keuren plan van aanpak kan aantonen dat de stofjaarvracht gelijk is aan de stofjaarvracht die zou worden behaald bij een emissie-eis van 5 mg/Nm3 als deze eis zou gelden voor de bronnen waar deze eis realiseerbaar is. In dat geval geldt via voorschrift 10.14 een emissie-eis van 10 mg/Nm3.

3.         ENCI heeft hangende het beroep het kosteneffectiviteitsonderzoek zoals opgenomen in voorschrift 10.13 uitgevoerd. Bij brief van 7 juni 2010 heeft ENCI GS bericht dat de stofuitstoot van diverse stoffilters niet kosteneffectief kan worden teruggebracht tot 5 mg/Nm3. In beroep betoogt ENCI onder meer dat GS ten onrechte niet hebben onderzocht of de stofemissie-eis van 5 mg/Nm3 in voorschrift 10.10 haalbaar is. ENCI meent dat GS zelf ook denken dat deze eis mogelijk niet naleefbaar is. GS hebben immers in voorschrift 10.13 de mogelijkheid aan ENCI gegeven om aan te tonen dat zij niet op kosteneffectieve wijze aan het voorschrift 10.10 kan voldoen. GS stellen dat een emissie van 5 mg/Nm3 blijkens de aanvraag van ENCI technisch haalbaar is, maar dat GS met voorschrift 10.13 ENCI de ruimte hebben gegeven af te wijken van de eis van 5 mg/Nm3.

4.         De ABRvS overweegt dat voorschrift 10.13 ENCI in de gelegenheid stelt om aannemelijk te maken dat de emissie-eis in voorschrift 10.10 niet naleefbaar is. Dat is in strijd met het wettelijke stelsel waaruit volgt dat GS dienen te onderzoeken welke naleefbare voorschriften aan de vergunning dienen te worden verbonden. De ABRvS komt dan ook tot het oordeel dat voorschrift 10.13 ontoereikend is gemotiveerd en onzorgvuldig voorbereid. Het beroep slaagt. De ABRvS heeft ervoor gekozen tot een tussenuitspraak te komen en draagt GS op om (onder meer) dit gebrek te herstellen door of alsnog tot een deugdelijke motivering te komen en te onderzoeken of voorschrift 10.10 naleefbaar is, en als dat niet het geval is tot een ander voorschrift te komen.

5.         In het licht van de vaste jurisprudentie van de ABRvS dat voorschriften naleefbaar moeten zijn (zie o.a. ABRvS 13 juli 2011, JM 2011/91; ABRvS 31 augustus 1999, M en R 1999/117K) is de uitspraak alleszins begrijpelijk. Wel is het voor zover ik kan nagaan de eerste keer dat de ABRvS uitdrukkelijk heeft overwogen dat art. 8.11 lid 3 Wm – waarin staat dat het bevoegd gezag aan de vergunning de voorschriften dient te verbinden die nodig zijn om de nadelige gevolgen van de inrichting voor het milieu te voorkomen of zo veel mogelijk te beperken – impliceert dat in het kader van het nemen van een besluit omtrent een vergunningaanvraag het op de weg van het bevoegd gezag ligt om te onderzoeken welke naleefbare voorschriften aan de vergunning dienen te worden verbonden. Dit oordeel zal ook onder de Wabo relevant zijn. Art. 8.11 lid 3 Wm is overgenomen in art. 5.3 Bor (Besluit omgevingsrecht).

6.         De uitspraak is echter om een andere reden moeilijk te plaatsen. ENCI heeft ook een inrichting in Rotterdam. De voorschriften van de milieuvergunning voor die cementproductiefabriek zijn in 2010 met toepassing van art. 8.23 Wm gewijzigd. ENCI heeft ook tegen dat besluit beroep ingesteld bij de ABRvS. Op 18 mei 2011 heeft de ABRvS uitspraak gedaan (nr. 201003020/1). Ook in die zaak werd aan de ABRvS de vraag voorgelegd of in een vergunningvoorschrift kan worden bepaald dat de vergunninghouder een verzoek kan doen om verhoging van de emissie-eis als de vergunninghouder aantoont dat de voorgeschreven eis niet kan worden gerealiseerd met kosteneffectieve maatregelen. De ABRvS kwam in die zaak tot het oordeel dat dit niet onredelijk bezwarend is. De ABRvS overwoog daartoe dat uit de NeR volgt dat de berekening van de kosteneffectiviteit zowel door de vergunninghouder als door de vergunningverlener kan worden uitgevoerd. Het vergunningvoorschrift bleef in stand. De ABRvS is in deze ‘Rotterdamse zaak’ dan ook tot een ander oordeel gekomen dan in de hiervoor beschreven ‘Maastrichtse zaak’.

7.         De grondslag voor de genomen besluiten rechtvaardigen dit verschil niet. Art. 8.11 lid 3 Wm waaruit de ABRvS afleidt dat een voorschrift naleefbaar moet zijn, is zowel bij een oprichtings- en revisievergunning (zoals in de Maastrichtse zaak) als bij een ambtshalve wijziging van de voorschriften (zoals in de Rotterdamse zaak) van toepassing. De vergunningvoorschriften in beide zaken lijken ook nagenoeg gelijk. Aan de vergunning voor de inrichting te Rotterdam is in voorschrift 4.1 bepaald dat aan de emissie-eisen moet worden voldaan zoals weergegeven in een bijgevoegde tabel. In die tabel is per ontstoffingsinstallatie een stofemissie-eis gegeven. Voor de installaties waar een doekenfilter wordt toegepast is een emissie-eis van 5 mg/m3 opgenomen. Voorschrift 4.3 bepaalt dat voor de ontstoffingsinstallaties een emissie-eis van 10 mg/m3 geldt als ENCI aantoont dat de eis van 5 mg/m3 niet gerealiseerd kan worden met kosteneffectieve maatregelen. ENCI dient hiervoor dan een verzoek in te dienen en na goedkeuring door GS geldt een emissie-eis van 10 mg/m3.

8.         Vanwege de gelijkenissen had het oordeel van de ABRvS in deze Rotterdamse zaak ook van toepassing kunnen zijn op de latere Maastrichtse zaak: de ABRvS had kunnen overwegen dat uit de NeR volgt dat de berekening van de kosteneffectiviteit zowel door de vergunninghouder als door de vergunningverlener kan worden uitgevoerd. Andersom had ook gekund: de ABRvS had in de Rotterdamse zaak kunnen oordelen dat voorschrift 4.3 ENCI in de gelegenheid stelt om aannemelijk te maken dat de emissie-eis in voorschrift 4.1 niet naleefbaar is. En dat is niet toegestaan met het oog op het onderzoek dat GS zelf moeten uitvoeren naar de naleefbaarheid. Een nuancering is mogelijk dat in de Rotterdamse zaak GS hebben gesteld dat in de periode 1999-2006 bij drie van de vierenveertig stofinstallaties met een doekenfilter een emissie is gemeten die hoger is dan 5 mg/m3, en de rest van de installaties aan de eis van 5 mg/m3 kunnen voldoen. In de Maastrichtse zaak is onduidelijk hoeveel installaties volgens ENCI niet kunnen voldoen aan de emissie-eis, maar wel is duidelijk dat ENCI op grond van de vergunning al een onderzoek heeft uitgevoerd en GS na de verlening van de vergunning heeft bericht dat de stofemissie niet kosteneffectief kan worden teruggebracht tot 5 mg/m3. Principieel zou dit niet moeten uitmaken, maar dat verklaard wellicht waarom de ABRvS in de Rotterdamse zaak heeft overwogen dat het berekenen van de kosteneffectiviteit voor ENCI niet onredelijk bezwarend is.

9.         Gezien de uitdrukkelijke overwegingen van de ABRvS in de recentere Maastrichtse zaak over de naleefbaarheid van de voorschriften lijkt het erop dat we van deze laatste overweging uit kunnen gaan. Het bevoegd gezag dient zelf te beoordelen of een voorschrift naleefbaar is en kan dit niet via een ander voorschrift bij de vergunninghouder leggen. Nadere jurisprudentie zal hier meer duidelijkheid over moeten bieden.

            Natura 2000-gebieden

10.      Interessant is ook de passage in de uitspraak met betrekking tot de toets aan art. 6 Habitatrichtlijn voor zover het buitenlandse Natura 2000-gebieden betreft (r.o. 2.18.2 e.v.). Het bevoegd gezag had nagelaten te onderzoeken wat de gevolgen van de inrichting van ENCI zouden kunnen zijn voor in België gelegen Natura 2000-gebieden. Nu er voor dergelijke gebieden geen vergunningplicht op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 (‘Nb-wet 1998’) geldt – aangezien deze vergunningplicht zich alleen uitstrekt tot Nederlandse Natura 2000-gebieden – stelde de ABRvS dat in het kader van de milieuvergunning door het bevoegd gezag onderzocht had moeten worden in hoeverre de vergunde inrichting significante gevolgen zou kunnen hebben voor de Belgische gebieden.

11.      Op zichzelf is de uitspraak van de ABRvS op dit punt niet erg opmerkelijk. Vanuit de door het Hof van Justitie aangenomen gezamenlijke verantwoordelijkheid van lidstaten voor Natura 2000-gebieden (zie o.a. HvJ EG 8 juli 1987, nr. C-262/85), zou het inderdaad niet logisch zijn te concluderen dat gevolgen voor buitenlandse Natura 2000-gebieden niet onderzocht hoeven te worden vanwege het enkele feit dat deze gebieden niet in hetzelfde land liggen als de beoogde activiteit. Ook is de uitspraak op dit punt in overeenstemming met eerdere jurisprudentie, gewezen door de ABRvS gedurende de periode waarin de toen geldende Nb-wet 1998 strikt genomen alleen een vergunningplicht kende voor reeds aangewezen Vogel- en Habitatrichtlijnen, hetgeen tot 1 februari 2009 het geval was. Zoals bekend, is de definitieve aanwijzing van (met name) Habitatrichtlijngebieden nog steeds gaande. Alleen via de systematiek van richtlijnconforme interpretatie dan wel rechtstreekse werking kon daardoor toch worden voldaan aan art. 6 lid 3 Habitatrichtlijn en de hierin besloten verplichting om projecten met mogelijk significant gevolgen vooraf te toetsen. In de praktijk kwam dit erop neer dat soms aan de hand van de Nb-wet 1998 (namelijk indien sprake was een vergunningplicht vanwege effecten op een beschermd natuurmonument of een al aangewezen Vogelrichtlijngebied) dan wel in het kader van een milieuvergunning of een planologisch besluit getoetst werd wat de effecten van de voorgenomen activiteit zouden zijn op nog niet aangewezen gebieden. Dat leidde tot ingewikkelde situaties, met name indien het nog aan te wijzen Habitatrichtlijngebied qua begrenzing niet geheel overeenkwam met een reeds aangewezen beschermd natuurmonument of Vogelrichtlijngebied. Zie hiervoor onder andere ABRvS 28 februari 2007, nr. 200604026 en ABRvS 4 maart 2007, JM 2007/73. Onderhavige uitspraak is in lijn met deze oude systematiek. In dit geval kon niet aangehaakt worden bij een vergunningplicht op grond van de Nb-wet 1998 – immers, deze wet geldt niet voor buitenlandse gebieden – en moest de toets naar de mogelijke effecten op deze buitenlandse Natura 2000-gebieden dus via een ander spoor worden verricht. Sinds de wijziging van de Nb-wet 1998 per 1 februari 2009 (Stb. 2009, 18) is de toets overigens eenvoudiger. Met de introductie van het begrip Natura 2000-gebied (art. 1 onder n Nb-wet 1998) geldt de vergunningplicht van art. 19d lid 1 Nb-wet 1998 ook voor gebieden die nog niet de formele aanwijzingsprocedure hebben doorlopen maar die al wel op de lijst van communautair belang zijn geplaatst. Maar ook dan geldt deze vergunningplicht alleen voor Nederlandse Natura 2000-gebieden.

12.      Toch nog een opvallend punt in de uitspraak. De ABRvS verwijst naar een eerdere uitspraak, namelijk van 24 augustus 2011 (nr. 200900425/1), waar een vergelijkbare discussie speelde. Die uitspraak betrof echter juist wel (vergunnings)besluiten die op grond van de Nb-wet 1998 waren genomen, in welk verband niet getoetst was op mogelijke effecten op Duitse Natura 2000-gebieden. Hoewel de ABRvS in die eerdere uitspraak ook stelt dat de Nb-wet 1998 geen grondslag biedt voor het verlenen van een vergunning voor zover het gaat om mogelijke schadelijke gevolgen voor buitenlandse gebieden – en, in lijn met onderhavige uitspraak, de ‘buitenlandse’ toets dan dus in een ander spoor had moeten plaatsvinden – wordt vervolgens toch geconcludeerd dat het bevoegd gezag ten onrechte bij het verlenen van de Nb-wet-vergunning niet heeft gekeken naar de buitenlandse effecten.

13.      Het verschil tussen beide uitspraken is onduidelijk en kan ook tot praktische problemen leiden. Wanneer moet bijvoorbeeld in het kader van een Nederlandse Nb-wet-vergunning getoetst worden aan buitenlandse Natura 2000-gebieden, en wanneer moet deze toets in ander verband – zoals in onderhavige uitspraak – verricht worden? Of zou het zo zijn dat er een keuze bestaat en dat slechts van belang is welk besluit als eerste genomen wordt? Dat lijkt ook niet erg voor de hand te liggen. Een complicatie is ook ontstaan sinds het in werking treden van de Wabo. Als de Nb-wet-vergunning wordt aangevraagd voordat een noodzakelijke omgevingsvergunning wordt aangevraagd, zullen twee aparte vergunningen worden verleend. Maar hoe zal dit in de praktijk uitwerken indien zich effecten op buitenlandse gebieden voordoen en bijvoorbeeld in het kader van de Nb-wet-vergunning hier niet op getoetst is? Kan het bevoegd gezag voor de omgevingsvergunning dan nog een extra toets voor deze buitenlandse gebieden verrichten, of zou slechts (of juist) volstaan kunnen worden met de mededeling dat voor zover er al effecten zouden kunnen optreden op buitenlandse gebieden, deze effecten in het kader van de Nb-wet-vergunning aan de orde hadden moeten komen? De uitspraak van 24 augustus 2011 ondersteunt de laatste conclusie; uit de uitspraak inzake ENCI zou echter afgeleid kunnen worden dat deze toets ook kan plaatsvinden bij het verlenen van de omgevingsvergunning. Dat leidt dan echter wel tot de vreemde situatie dat de toets naar mogelijke effecten op Natura 2000-gebieden op twee momenten zou plaatsvinden. Dat lijkt ook niet erg voor de hand te liggen, en zeker niet praktisch.

14.      Op termijn zal ook dit trouwens waarschijnlijk opgelost zijn. In het Wetsvoorstel Wet natuurbescherming (regels ter bescherming van de natuur, Kamerstukken II 2011 /12, 33 348, nr. 2), wordt expliciet in de definitie van Natura 2000-gebied aangegeven, dat hieronder ook buitenlandse Natura 2000-gebieden vallen. Daarmee is overigens nog niet duidelijk hoe getoetst moet worden aan deze gebieden, noch – en dat is nog belangrijker – of, mochten effecten geconcludeerd worden, voorgeschreven zou kunnen worden dat in het buitenland maatregelen worden getroffen ter voorkoming of vermindering van deze effecten. Hiervoor biedt de jurisprudentie nog geen voorbeelden; daar waar tot op heden wel een toets naar de mogelijke effecten op buitenlandse gebieden is verricht, was de conclusie telkens dat deze effecten aanvaardbaar waren en niet leiden tot een aantasting van de natuurlijke kenmerken van het betreffende Natura 2000-gebied. Aanvullende maatregelen waren daarbij niet aan de orde.

Auteur: Marieke Kaajan en A. Collignon


Gerelateerd

Prejudiciële vragen PAS: en nu?
Op 17 mei jl. deed de ABRvS twee (tussen)uitspraken over de Programmatische Aanpak Stikstof. In…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht – Soortenbescherming (deel 1)
In de jaarlijks terugkerende kroniek Natuurbeschermingsrecht schreven Fleur Onrust en Marieke Kaajan in BR 2017/53…
Natuurbescherming onder de Omgevingswet: eenvoudig en beter?
In MenR 2017/45 ging Marieke Kaajan in op de consultatieversie van de Aanvullingswet Natuur in…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht – Gebiedsbescherming (deel 2)
Deel 2 van de jaarlijks terugkerende kroniek Natuurbeschermingsrecht, geschreven door Marieke Kaajan en Fleur Onrust,…
Actualiteiten natuurbeschermingsrecht 2017
In MenR 2017/78 werd, naar aanleiding van de Actualiteitendag van de Vereniging van Milieurecht, het…
Programmatische Aanpak Stikstof; prejudiciële vragen weiden en bemesten
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 17 mei 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1260 in MenR 2017/85. 1….
Programmatische Aanpak Stikstof; prejudiciële vragen (algemeen)
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 17 mei 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1259 in MenR 2017/84. 1….
Relatie tussen luchthavenbesluit en Wet natuurbescherming
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 18 januari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:129 in MenR 2017/53. 1….
Overgangsrecht Programmatische Aanpak Stikstof
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 14 december 2016, ECLI:NL:RVS:2016:3327 en 28 december 2016,…
Passende beoordeling en rol van PAS-maatregelen
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 24-02-2016, ECLI:NL:RVS:2016:497 in M en R 2016/68. Noot 1. Hoewel juridisch…
Stikstofbeoordeling bij plannen; mitigerende maatregelen in planvoorschriften verzekeren
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 20-04-2016, ECLI:NL:RVS:2016:1072 in M en R 2016/98. Noot 1. Deze twee met…
Omvang motiveringsplicht bij toename stikstofdepositie
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 30-03-2016, ECLI:NL:RVS:2016:866 in M en R 2016/82. Noot 1. ABRvS 23…
Passende beoordeling bij kleine toename stikstofdepositie; geen cumulatie met nog niet vastgesteld uitwerkingsplan
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 08-06-2016, ECLI:NL:RVS:2016:1612 in M en R 2016/112 Noot 1. Deze uitspraak –…
Gebruikmaken van een eerdere passende beoordeling
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 22‑06‑2016, ECLI:NL:RVS:2016:1745  in M en R 2016/115. Noot 1. Art. 19j, lid…
Stikstofregeling in bestemmingsplan
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 1 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1515 in M en R…
Beperkte beroepsmogelijkheden tegen beheerplan; relatie met bestaand gebruik
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 20 juli 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2041 in M en R…
Verschil tussen instandhoudingsmaatregelen, preventieve en compenserende maatregelen
Marieke Kaajan schreef een noot onder HvJ EU 21-07-2016, ECLI:EU:C:2016:583 in M en R 2016/131. Noot 1….
Natuurbeschermingsrecht in vogelvlucht; Actualiteiten en vragen uit de praktijk
Marieke Kaajan schreef in M en R 2016/73 het artikel: Natuurbeschermingsrecht in vogelvlucht; Actualiteiten en vragen…
Meldingsbevestiging PAS is geen besluit
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 02‑11‑2016, ECLI:NL:RVS:2016:2903 in M en R 2017/22. Noot 1. Met deze uitspraak…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht en Ffw 2016 (deel 2)
Kroniek Natuurbeschermingsrecht en Ffw 2016 (deel 2) F. Onrust en M.M. Kaajan[1]     Inleiding…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht en Ffw 2016 (deel 1)
Verschenen in: BR 2016/50 Inleiding Een jaar verstreken; tijd dus voor een overzicht van de…
De Wet natuurbescherming: soortenbescherming
In Journaal Flora en fauna verscheen het artikel van Fleur Onrust en Luuk Boerema over…
Een nieuwe Beleidslijn Tijdelijke Natuur
Op 10 september 2015 is de Beleidslijn Tijdelijke Natuur in de Staatscourant gepubliceerd.[1] De beleidslijn heeft…
Standaard voorschriften Nbw-vergunning vernietigd
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 23-12-2015, ECLI:NL:RVS:2015:3980. Noot 1. De spoorlijn Budel-Weert levert…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2015 – deel 2 Soortenbescherming
Fleur Onrust en Marieke Kaajan schreven de Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2015 – deel 2 inzake soortenbescherming….
Cumulatie met uitwerkingsplan verplicht?
Marieke Kaajan schreef een noot bij Vz. ABRvS 12-11-2015, ECLI:NL:RVS:2015:3575. Noot 1. Op grond van art. 19f,…
PAS: vragen uit de praktijk
De inwerkingtreding van het Programma Aanpak Stikstof heeft geleid tot vele vragen in de praktijk….
Nieuw leefgebied binnen N2000-gebied = mitigatie
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 14-10-2015, ECLI:NL:RVS:2015:3194. Noot 1. Met het arrest Briels…
Aanvaardbare wijzigingsbevoegdheid onder de voorwaarde dat significante effecten zijn uitgesloten
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 16-09-2015, ECLI:NL:RVS:2015:2891. Noot 1. Al eerder heb ik…
Referentiesituatie bij plannen indien bebouwing teniet is gegaan
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 19-08-2015, ECLI:NL:RVS:2015:2639. Noot 1. Een van de aspecten…
Toetsing van plannen aan de Nbw
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 05-08-2015, ECLI:NL:RVS:2015:2471. Noot 1. Het is een terugkerend…
Nbw-toestemming zonder ADC-toets; feit of fictie?
Het arrest Briels heeft geleid tot een stroom aan jurisprudentie waarmee het verschil tussen compensatie…
Bevoegd gezag Nbw-vergunning sinds 1 juli 2015
Marieke Kaajan schreef een nooit onder ABRvS 29-07-2015, ECLI:NL:RVS:2015:2406. Noot 1. Geeft een verleende Nbw-vergunning onverkort…
Kroniek Nbw en Ffw 2015 (deel 1)
De Nbw is geen rustig bezit. Het afgelopen jaar verscheen er weer veel jurisprudentie en…
Bestemmingsplannen en stikstof
Kunnen bestemmingsplannen profiteren van het programma aanpak stikstof (PAS)? Lees een instructief en praktisch artikel…
Beperkte toepassing art. 19kd Nbw bij plannen
Marieke Kaajan schreef een noot bij ABRvS 1 april 2015 (ECLI:NL:RVS:2015:999 en 1010) over art….
Vergunningplicht beweiden en uitrijden van mest
Een Nbw-vergunning is ook nodig voor het beweiden van koeien en het uitrijden van mest….
Flora en faunawet ontheffing en zelf in de zaak voorzien
In AB 2015/164 verscheen een annotatie van Annemarie Drahmann (Stibbe) en Fleur Onrust (ENVIR Advocaten)…
Mitigatie en compensatie (part 2)
Marieke Kaajan schreef de volgende noot bij ABRvS 11 maart 2015 (ECLI:NL:RVS:2015:706, inz. Buitenring Parkstad…
Op feitelijke situatie is Nbw niet van toepassing
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 08-07-2015, ECLI:NL:RVS:2015:2155. Noot 1. Deze uitspraak is een…
Criteria voor voorlopige aanwijzing Natura 2000-gebied
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 01-07-2015, ECLI:NL:RVS:2015:2041 Noot 1. Het komt al niet…
Vergunningvrij bestaand gebruik Nbw
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 24-06-2015, ECLI:NL:RVS:2015:1946 Noot 1. Deze uitspraak is een weinig voorkomend…
Van EHS tot NNN en de doorwerking in bestemmingsplannen
Fleur Onrust schreef in het digitale magazine Natuur in de Gemeente een column over de EHS…
Voortoets of passende beoordeling?
Geen passende beoordeling? Dan ook vaak geen plan-merplicht. Toch is een voortoets vaak niet voldoende….
Beperkt beroep beheerplan Nbw
Marieke Kaajan schreef in Milieu en Recht 2015/21 de volgende noot onder ABRvS 24 september…
Foerageergebied buiten Natura 2000-gebied: mititgatie
Een van de eerste zaken na het arrest Briels waaruit blijkt wanneer sprake is van…
Mitigatie en compensatie; toepassing arrest Briels
Het arrest Briels leidt tot veel discussie over het verschil tussen mitigatie en compensatie. Marieke…
ORNIS-criterium ook bij Habitatrichtlijnsoorten
En de ontwikkeling van windturbines betreft een dwingende reden van groot openbaar belang. Zie de…
Elektrovisserij leidt tot overtreding Ffw
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 19 november 2014, nr. 201404288 inzake de overtreding van…
Revisie- of veranderingsvergunning?
Marieke Kaajan beschreef wanneer een revisievergunning kan worden verlangd. In Niewsbrief StAB 2015-1 verscheen een…
Jaaroverzicht jurisprudentie flora en faunawet 2014 JFF
In dit jurisprudentie overzicht behandelen Fleur Onrust en A. Drahmann de jurisprudentie Ffw van de…
Andere definitie Nbw-bestaand gebruik bij bestemmingsplan
In deze noot van Marieke Kaajan wordt de definitie van bestaand gebruik in de zin…
Honden aanlijnen en stikstofdepositie; geen mitigatie
Een aanlijn- en opruimplicht bij honden; is dat een mitigerende maatregel? In MenR 2015/6 schreef…
Bestemmingsplan en Flora en faunawet (BR 2014/136)
Fleur Onrust schreef in BR 2014/136. Essentie uitspraak: De vragen of voor de uitvoering van het bestemmingsplan…
Kwaliteit van de deskundigenrapporten bij ontheffing Ffw
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann in Bouwrecht over de kwaliteit van deskundigenrapporten die…
Planvoorschriften en Natuurbeschermingswet
Deze annotatie van Marieke Kaajan en Marcel Soppe in MenR 2014/143 gaat in op de mogelijke…
Bestaand gebruik volgt ook uit melding Besluit Melkveehouderij
Uit een melding op grond van het Besluit Melkveehouderij kan ook de omvang van (vergund)…
Belang van de ‘Soortenstandaard’ bij de verlening ontheffing Ffw
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann in Br over de uitspraak van de Rechtbank…
Bescherming van natuur in de Omgevingswet
In het Themanummer Omgevingswet van Milieu en Recht (2014/8) schreef Marieke Kaajan een artikel over de mate…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2014
Marieke Kaajan schreef de “Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2014”, BR 2014/75. Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2014 1.Inleiding Er is weer een…
Project of andere handeling?
Laagvliegen boven en nabij Natura 2000-gebieden, en het landen op onverharde delen van deze gebieden…
Flora en faunawet en dwingende redenen
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann het artikel, “Dwingende redenen van groot openbaar belang…
Effectbeoordeling Duitse Natura 2000-gebieden
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 16 april 2014, ECLI-nr: NL:RVS:2014:1312 inz. De beoordeling van…
Aanleggen nieuw habitattype is compensatie
Marieke Kaajan schreef een noot over de uitleg van het verschil tussen mitigatie en compensatie. In…
Externe saldering en directe samenhang – Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 9 april 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1207 inz. Externe saldering en…
Bestaand gebruik – Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 19 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:537 inz. Bestaand gebruik Nbw,…
Salderen met bestaande rechten – Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 12 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:446 inz. Salderen met bestaande rechten die…
Effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden en bestaande rechten
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 5 februari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:285 inz. Effecten op buitenlandse…
Highlights en actualiteiten van het natuurbeschermingsrecht
Marieke Kaajan schreeft “Highlights en actualiteiten van het natuurbeschermingsrecht”, Nieuwsbrief StAB 2014/1, p. 7-15. Zie het gehele…
Windparken en leefomgeving
Marieke Kaajan schreef samen met E.M.N. Noordover, “Windparken en leefomgeving: een toelichting op enkele angels uit de besluitvorming”,…
Dwangsom en Flora en faunawet
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann een noot onder ABRvS 25 september 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1247, BR 2014/9….
Wijziging Nbw-vergunning na de referentiedatum
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 13 november 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1891, BR 2014/20. 1. Met deze uitspraak…
Flora en faunawet, tijdelijke verstoring vaste rust- en verblijfplaats
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann een noot onder ABRvS 13 november 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1925, BR 2014/8….
Salderen van deposities via een depositiebank
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 13 november 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1931 inz. Salderen van deposities via een depositiebank,…
Passende beoordeling niet verplicht ondanks inhoudelijke ecologische voortoets
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 16 oktober 2013, ECLI:NL:RVS:2013:1573, MenR 2014/57. (1) Deze uitspraak is,…
Flora en faunawet (Ffw) verklaring van geen bedenkingen
Fleur Onrust schreef met A. Drahmann een noot onder de uitspraak Rb Utrecht 6 september 2012,…
Omgevingswet en belanghebbendheid
Fleur Onrust schreef de Doorgeefcolumn “Omgevingswet en belanghebbendheid; alles bij het oude?” De column is te…
Effectbeoordeling stikstofdepositie
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 1 augustus 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ9099 inz. Effectbeoordeling stikstofdepositie Nbw,…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2013
Marieke Kaajan schreef de “Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2013”, BR 2013/99. Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2013 1.Inleiding Net als in…
Flora en faunawet en verklaring van geen bedenkingen
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann een noot onder ABRvS 26 juni 2013, ECLI:NL:RVS:2013:57, inz….
Bestaand gebruik in de Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 3 juli 2013, ECLI:NL:RVS:2013:107 inz. Bestaand gebruik zoals gedefinieerd in…
De beoordeling van effecten op buitenlandse Natura 2000-gebieden
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 26 juni 2013, ECLI:NL:RVS:2013:3 inz. De beoordeling van effecten…
Stikstofverordening Noord-Brabant
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 19 juni 2013, ECLI:NL:RVS:2013:CA3654 inz. de Stikstofverordening Noord-Brabant, MenR…
Stikstofbeleid Provincie Overijssel – Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 22 mei 2013, ECLI:NL:RVS:2013:CA0687 inz. het “Beleidskader Natura 2000…
Ontwikkelingsruimte met de PAS, of toch niet?
Marieke Kaajan schreef het artikel “Ontwikkelingsruimte met de PAS, of toch niet?”, Agr.r. 2013 (afl. 3),…
Definitie project in de Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 3 april 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ7579 over de: Definitie project Nbw, StAB 2013/65….
Flora en faunawet en Vvgb
Fleur Onrust schreef samen met A. Drahmann een noot onder Rb Midden-Nederland 7 februari 2013, ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ1898, inz….
Flora- en faunawet: nieuwe donkere wolken boven Nederland?
Fleur Onrust schreef met A.Drahmann een artikel “​Flora- en faunawet: nieuwe donkere wolken boven Nederland?”, in BR…
Bestaand gebruik – Natuurbeschermingswet
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 21 november 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BY3744 inz. Bestaand gebruik…
Effectbeoordeling en saldering – Natuurbeschermingswet
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 10 oktober 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX9705 inz. Effectbeoordeling en saldering…
De (on)mogelijkheid van een koepelvergunning – Natuurbeschermingswet
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 15 augustus 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX4650 inz. De (on)mogelijkheid…
Flora- en faunawet pilot Tijdelijke natuur
Fleur Onrust schreef een noot onder de uitspraak ABRvS 25 juli 2012 (ECLI:NL:RVS:2012:BX2544), BR 2012/140. 1. Dit…
Art. 19kd Nbw in combinatie met vergunningplicht art. 19d Nbw
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 30 mei 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW6948 inz. Art. 19kd…
Saldering op grond van de Nbw door middel van intrekking van een (milieu)vergunning
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 4 april 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW0777 inz. Saldering op…
Gebiedsbescherming in het wetsvoorstel natuur: oude wijn in nieuwe zakken?!
Marieke Kaajan schreef het artikel “Gebiedsbescherming in het wetsvoorstel natuur: oude wijn in nieuwe zakken?!”, MenR. 2011/181….
Effectbeoordeling stikstofdepositie
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 28 maart 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW0169 inz. Effectbeoordeling stikstofdepositie, StAB…
Overdraagbaarheid Natuurbeschermingswet-vergunningen
Lees hier de noot die Marieke Kaajan schreef onder ABRvS 21 maart 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV9525 inz. Overdraagbaarheid Natuurbeschermingswetvergunningen, StAB…
Vergunningplicht Natuurbeschermingswet voor het uitrijden van mest
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 18 januari 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV1162 inz. Vergunningplicht Natuurbeschermingswet voor het…
Boom Basics Omgevingsrecht
M.M. Kaajan en F. Onrust schreven samen met V.L. van ’t Lam (red), J.C. van…
De Raamwet omgevingsrecht; van model 3.0 naar model 4.1
Fleur Onrust schreef het artikel “De Raamwet omgevingsrecht; van model 3.0 naar model 4.1“, BR 2011, p….
De uitleg van artikel 19kd Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 7 september 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BR6898 inz. De uitleg van art….
Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2011
Marieke Kaajan schreef de “Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2011”, BR 2012/102. Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2011 1.Inleiding In de kroniek…
Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2010
Marieke Kaajan schreef de “Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2010”, BR 2011/67. Kroniek Natuurbeschermingsrecht 2010 1Inleiding Het natuurbeschermingsrecht in Nederland,…
Het Besluit milieueffectrapportage (Cat. 18.2 bijlage D)
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 10 november 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BO3494 inz. het Besluit milieueffectrapportage (Cat….
De relatie tussen Wabo en Waterwet
Fleur Onrust schreef het artikel “De relatie tussen Wabo en Waterwet”, BR 2010/160 (p. 851). De relatie tussen Wabo en Waterwet 1. Inleiding…
Einde aan de crisis in de Natuurbeschermingswet
Marieke Kaajan schreef het artikel “Einde aan de crisis in de Natuurbeschermingswet”, TO 2010/2, p. 31-41….
Kansen op herstel met de Crisis- en herstelwet?!
Marieke Kaajan en A. ten Veen schreven samen de bijdrage “Kansen op herstel met de Crisis- en…
Rijkscoördinatieregeling energie-infrastructuurprojecten
Marieke Kaajan schreef het artikel “Rijkscoördinatieregeling energie-infrastructuurprojecten: een handige regeling maar wel met haken en ogen”…
Parlementaire geschiedenis Wet ruimtelijke ordening
N.S.J. Koeman, A. ten Veen, J.R. van Angeren, D.S.P. Fransen & Marieke Kaajan schreven het boek Parlementaire…
Revisievergunning Corus
Marieke Kaajan schreef een noot onder ABRvS 28 mei 2008, ECLI:NL:RVS:2008:BD2643 inz. Revisievergunning, MenR 2008/73. 1…
Waterwet, in kort bestek
Fleur Onrust schreef het artikel “Waterwet, in kort bestek”, Bulletin RO Totaal 2007, nr. 4. p….
Minder regels, meer ruimte voor water; het voorontwerp Waterwet nader beschouwd
Fleur Onrust schreef de bijdrage “Minder regels, meer ruimte voor water; het voorontwerp Waterwet nader beschouwd”,…
Het belanghebbendebegrip in de Wabo
Fleur Onrust schreef het artikel “Het belanghebbendebegrip in de Wabo”, BR 2008, p. 401. Na het verschenen…