ENVIR ADVOCATEN
Keizersgracht 451-1V
1017 DK Amsterdam
T +31 20 737 20 66
F +31 20 796 92 22


Datum: 20-06-2016

Vooringenomenheid bij subsidieverlening

Procedure inzake EnerGo subsidie. Uitspraak van het CBB van 13 juni 2016 (ECLI:NL:CBB:2016:155) over vooringenomenheid van de adviescommissie bij een subsidietender.

Het CBB oordeelt dat de subsidie van EZ is verleend in strijd met het verbod van vooringenomenheid van artikel 2:4 Awb. In een aparte Wob-verzoek was door de subsidieaanvrager, die geen subsidie verleend had gekregen, onder meer een lijst gevraagd van alle leden van de adviescommissie die betrokken waren geweest bij de beoordeling van de subsidieaanvragen. Uit die lijst en andere met het Wob-verzoek gevraagde en verkregen gegevens volgde dat de schijn van vooringenomenheid onvoldoende is weggenomen in het proces waarbij de subsidie is toegekend. Daarmee is de subsidie verleend in strijd met de eigen Spelregels van de minister van EZ.

Aan de orde was een subsidie voor een EnerGO-project (Energie in de Gebouwde Omgeving) als bedoeld in artikel 2.4.13.1 van de Subsidieregeling energie en innovatie, het project ‘Energieprestatie garantie’. De Minister van EZ heeft de subsidieaanvraag voor EnerGO-projecten ter advisering voorgelegd aan de Programmaraad TKI (Topconsortium voor Kennis en Innovatie) EnerGO (verder: adviescommissie).

Deze subsidie wordt toegekend in een zogenaamde een subsidietenderprocedure. Een tendersysteem houdt in dat alle ingediende aanvragen na het einde van de aanvraagperiode ten opzichte van elkaar inhoudelijk worden vergeleken en vervolgens in een rangorde worden geplaatst, die rangorde wordt vooraf bepaald aan de hand van het doel van de subsidie. Indien het beschikbare subsidiebudget niet toereikend is om alle aanvragen te kunnen toekennen worden de aanvragen aan de hand van de plaats die in de rangorde wordt ingenomen al dan niet toegekend.

Het CBB stelt vast dat de beoordeling en de rangschikking van de aanvragen is uitgevoerd door een adviescommissie (de hiervoor genoemde programmaraad). De adviescommissie hanteert “Spelregels” ten behoeve van de transparantie bij de bepaling van de rangschikking van de aanvragen. Het CBB stelt aan de hand van de Wob-documenten vast dat 3 leden van de adviescommissie, tevens persoonlijk betrokken zijn geweest bij projecten waarvoor in dezelfde periode een subsidie is aangevraagd op grond van de Regeling. De minister heeft een brief overgelegd waarin staat vast dat deze leden bij de beoordeling en rangschikking van de subsidieaanvragen zich uitsluitend hebben verschoond bij de advisering over en beoordeling van de subsidieaanvragen met betrekking tot de projecten waarbij zij zelf betrokken waren geweest. Het CBB stelt echter ook vast dat deze leden wel hebben meegedaan aan de advisering en beoordeling van de overige subsidieaanvragen, en daarmee ook aan de aanvraag van appellante in deze procedure.

Het CBB overweegt vervolgens dat het advies van de adviescommissie daarmee tot stand is gekomen op een wijze die in strijd is met de geldende “Spelregels”. Alle drie de heren uit de adviescommissie hadden namelijk persoonlijke betrokkenheid bij “een aanvraag” in de tender. De Spelregels houden volgens het CBB duidelijk in dat in geval van persoonlijke betrokkenheid niet wordt deelgenomen aan de voorbereiding en vaststelling van alle adviezen. Het CBB stelt daarom dat de minister van EZ moeten de adviezen van de adviescommissie niet aan de besluitvorming ten grondslag had mogen leggen, omdat de adviezen niet op zorgvuldige wijze tot stand zijn gekomen.

Ten aanzien van deze drie leden van de adviescommissie bestaat naar het oordeel van het CBB bestaat in ieder geval de schijn van belangenverstrengeling, “nu zij gelet op het voorgaande de besluitvorming ten aanzien van de aanvragen waarbij zij waren betrokken, door hun oordeel en advies over de overige concurrerende aanvragen, indirect konden beïnvloeden. Dat zij zich hebben verschoond bij de advisering over hun eigen aanvragen is naar het oordeel van het College onvoldoende om die schijn weg te nemen en daarmee tevens in strijd met de Spelregels van verweerder.”

Een mooie uitspraak over de schijn van vooringenomenheid bij de verlening van subsidies. Het is belangrijk dat bestuursorganen zorgvuldig omgaan met subsidieverlening, immers de subsidiepot is (vrijwel) nooit oneindig en dan zijn transparantie en eerlijke verdeling van groot belang. Zie in dit verband ook ons nieuwsbericht over schaarse vergunningen, dat (deels) ook voor subsidies van belang kan zijn.

Voor vragen over subsidies (uiteraard SDE, TSE, maar ook andere rijkssubsidies (RVO) en gemeentelijke subsidies) kunt u terecht bij ENVIR Advocaten.

Klik op de link om de gehele uitspraak te lezen.

Fleur Onrust


Gerelateerd

Beperking belanghebbendheid bij Wnb-ontheffing (soorten)
In de uitspraak van 24 januari 2018 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van…
Wind op zee en land: wat staat er op korte termijn op de agenda?
Het realiseren van wind op land en op zee leidt van oudsher al tot een…
Natuur op NWEA Winddagen
Kom naar de bijeenkomst op 15 juni a.s. op de NWEA Winddagen over natuurwetgeving, en…
Windpark Wieringermeer mag worden aangelegd
Met twee uitspraken op 4 mei 2016 concludeerde de ABRvS dat Windpark Wieringermeer magen kan…
Interview Marieke Kaajan
Marieke Kaajan werd door het blad net.nl geïnterviewd over haar werkzaamheden bij grote energieprojecten (in…
4 tips om terugbetalen ontvangen subsidie te voorkomen
Subsidie ontvangen is mooi en soms onmisbaar. Maar als je die subsidie aan het einde…
Nbw-vergunning centrale Eemshaven: mitigatie van stikstof-effecten is toch mogelijk
De uitspraak van 9 september jl. voegt weer een hoofdstuk toe aan de discussie over…
Marieke Kaajan spreker op NWEA Winddag
Op 12 juni a.s. spreekt Marieke Kaajan op de NWEA Winddag 2015 over “Natuuwetgeving en…
Wind op zee; let goed op het (ontwerp-) kavelbesluit!
Wind op zee geniet de laatste tijd veel publiciteit. Dat is ook niet zo vreemd;…
Hoe kunnen we windenergie beter bewaren?
ENVIR partner Marieke Kaajan schreef een opinie in de Volkskrant over windenergie. Of u nu…
Baanbrekende uitspraak voor Nbw- en Ffw-zaken
Het 1%- of ORNIS-criterium kan nu ook bij diersoorten worden toegepast. Het verkrijgen van toestemming…
Stil gebied geen noodzaak voor maatwerkvoorschrift windturbinegeluid
Met de uitspraak van 10 december 2014 (zaaknr. 201403936) maakt de Afdeling bestuursrechtspraak duidelijk dat,…
Advies Raad van State wetsvoorstel Windenergie op zee
Op 20 oktober jl. heeft de Raad van State advies uitgebracht over het wetsvoorstel over…